Auteursarchief: Hans Crone

Maak eens een rekensommetje!

Hans Crone schrijft sinds deze zomer columns voor de website www.vsk365.nl. Deze site isgekoppeld aan de grootste vakbeurs voor w-installateurs, elke twee jaar in de Jaarbeurs Utrecht. Crone is als onafhankelijk adviseur gevraagd zijn visie te geven over installaties, energiebesparing en over innovaties op het gebied van duurzame energie. Zijn eerste bijdrage gaat over zuinige alternatieven voor aardgas en leest u hieronder. U kunt zijn columns blijven lezen op: http://www.vsk365.nl/nl/Experts


Maak eens een rekensommetje!

Nederlanders zijn gek op rekenen en dan vooral op onderaan de streep iets overhouden. Tegelijkertijd hebben we een voorliefde voor gas, waarschijnlijk omdat we er zoveel van hebben. Daarom gebruiken we het op grote schaal; te pas, maar ook te onpas. Als we nu eens een eenvoudig rekensommetje maken …
90% van de woningen in Nederland wordt op gas verwarmd. Dat gas zo nadrukkelijk de voorkeur krijgt boven elektriciteit heeft ook te maken met een hardnekkig misverstand bij veel mensen (en kenners!) over de kosten van directe elektrische verwarming in vergelijking tot gasverwarming. Zeker, elektra is niet altijd het goedkoopste alternatief, en al helemaal niet voor oude, ongeïsoleerde woningen.
Maar dat installateurs en aannemers steevast voor gasverwarming kiezen, ook bij de realisatie of renovatie van zeer goed geïsoleerde panden, is opmerkelijk en onterecht. Neem het transport. Bij de normale centrale verwarming op gas, gaat er veel warmte verloren in leidingen tijdens het transport tussen de ketel op zolder en de radiatoren in de woonkamer. Elektrische radiatoren echter leveren rechtstreeks warmte op de locatie waar dit nodig is, zonder transportverlies en zonder hoge aanschafkosten van dure cv‐ketels .

Dat er langzaam maar zeker een kentering in denken (en in doen!) plaatsvindt, is onder meer te zien in Groningen. Daar wordt binnenkort een bestaand kantoorgebouw omgebouwd tot een studentenflat met 120 eenheden. Vanuit het traditionele denken zou men daar kiezen voor een grote CV‐installatie op het dak en verwarming via cv‐leidingen. Deze worden dan 24 uur per dag op 70°C gehouden, hoewel het warme water slechts op momenten nodig is, bijvoorbeeld tijdens het douchen. Een fors warmteverlies is het gevolg.

 

Dat kan anders, zuiniger. En wel met een elektrische geiser in de badkamers van de studenten, die zonder leidingverlies warm water levert bij de douche en met een elektrische radiator in de woonkamer voor directe verwarming op de plek waar dit nodig is.

Een geschikt alternatief?

Ja, en ook nog eens veel goedkoper. Ga maar na, de elektrische verwarminginstallatie is in aanschaf ruim € 100.000,‐ goedkoper dan CV‐installaties en CV‐leidingen. Bovendien verwacht de corporatie, mede door de optimale gevelisolatie, met deze “elektrische” oplossing een besparing op het energie-verbruik te realiseren van zo’n 30% in vergelijking tot collectieve gasketels. Tel uit je winst, … beste student!
Moraal van dit verhaal: kies niet altijd voor het gebaande pad en zeker niet voor dure investeringen in gasinfra-structuur, terwijl de vraag naar warmte en warm water in het gebouw relatief beperkt is. En maak vooral ook zelf eens een rekensom.
Als u ten minste geld wilt verdienen!

Hans Crone

Energielabel voor nieuwbouwwoningen

TA Crone verwacht dit najaar gecertificeerd te zijn voor de controle, toekenning en uitgifte van het nieuwe energielabel voor nieuwbouw woningen. Met dit label krijgen kopers en huurders straks in één oogopslag te zien hoe energiezuinig hun huis is. De belangstelling voor het nieuwe label is groot, ook onder aannemers en projectontwikkelaars.

Op dit moment bestaat er alleen een energielabel voor bestaande woningen, dus niet voor nieuwbouwwoningen. Deze situatie is ontoereikend, omdat nieuwbouwwoningen in de regel veel energiezuiniger zijn. Om dit zichtbaar te maken, komt er binnenkort dus een apart label voor nieuwbouwwoningen. De belangrijkste partijen in de nieuwbouw: ontwikkelaars, corporaties en aannemers, willen graag dat dit energielabel een label met waarde wordt. Deze berust op twee pijlers:

  • Het label mag uitsluitend worden afgegeven door gecertificeerde bureau´s – “EPN-adviseurs”. Hun werk wordt door onafhankelijke partijen gecontroleerd.
  • De score op het label (A++, A+++, enz.) wordt niet enkel op berekeningen gebaseerd, maar vooral op controle op de bouwplaats en bij de oplevering.

Hiermee is dit energielabel niet zomaar een papiertje, maar een betrouwbare indicatie van de werkelijke energie-zuinigheid van de woning.

Verlengde

´Wij willen deze energielabels als een van de eerste bureaus in Nederland mogen uitgeven,’ zegt Hans Crone. Daarom volgen medewerkers volgende maand al cursussen en doen ze examen. ‘Al sinds de invoering van de Energieprestatie-norm in ’95 is TA Crone actief in het berekenen van-, en adviseren over de energieprestatie van nieuwbouwwoningen. Dit energielabel ligt dus in het verlengde van onze activiteiten en denkwijze en zorgt voor tastbaar bewijs, en dus voor een doorbraak in energiezuinig wonen.’

Nul euro voor energie!

Een energierekening van nul? Kan dat? Ja! Het bewijs wordt dit najaar geleverd met de oplevering van 14 energiezuinige woningen “Energie Thuis” in het Arnhemse plan Het Nieuwe Zuid. Door te kiezen voor elektriciteit en niet voor gas en door de huizen goed te isoleren en slimme installaties toe te passen, betalen bewoners bij een gemiddeld gebruik, straks niets aan energie, nul euro!

Pas eind vorig jaar – nadat de eerste palen al waren geslagen – koos de Woningstichting Volkshuisvesting in het plan Het Nieuwe Zuid voor de realisatie van “energienotaloze woningen”. BAM Woningbouw Deventer kreeg de opdracht de plannen vlot te trekken en haast te maken. In samenwerking met TA Crone, werd gekozen voor een hoge mate van isolatie (muren en glas), zuinige installaties voor verwarmen en voor elektriciteit als enige energiebron. Door de daken te voorzien van PV-panelen (40-45 m²) en een zonnecollector (10m²), wekken de woningen straks zelf energie op voor hun eigen verwarming, warmwater en ventilatie en tevens voor het gebruik van persoonlijke- en huishoudelijke apparaatuur. Bij een gemiddeld gebruik, is deze combinatie van elektrische- en thermische zonne-energie voldoende om in de energiebehoefte te voorzien; dan is het saldo van geleverde en gebruikte energie 0, oftewel “Nul Op De Meter”. De benodigde warmte wordt opgewekt door de zonnecollector, aangevuld met een kleine warmtepomp die afgevoerde ventilatielucht en buitenlucht als warmtebron gebruikt. Bij pieken in de warmtevraag, wordt elektrisch bijverwarmd.

Trend

Deze “Nul Op De Meter”-woningen vormen volgens Hans Crone, directeur/eigenaar, een nieuwe trend. ‘De vraag naar energiezuinige woningen – met een lage energierekening – neemt steeds meer toe. Zeker nu, in deze economisch zware tijden. Bovendien willen mensen duurzaam en comfortabel wonen, en weten we steeds beter hoe we dit technisch kunnen faciliteren. Daarbij is het idee dat gas in Nederland altijd goedkoper en dus logischer is, allang achterhaald. Deze woningen tonen aan dat met de juiste isolatie, elektriciteit de voorkeur heeft.’

Zijn voorspellingen komen altijd uit

Het Arnhemse bureau D+B Architecten richt zich vooral op het ontwerpen van betaalbare en duurzame ecoflexwoningen. Concreet zie je dit terug in “De Ideale Woning”, een concept met een ruime indelingsvrijheid en een optimale beheersing van de kosten. D+B Architecten werkt ook in dit verband samen met TA Crone. ‘Crone is uniek, hij stelt de goede vragen, is eigenwijs en werkt bovenal: resultaatgericht. Zijn voorspellingen komen namelijk altijd uit.’

 

Mede-eigenaar Alex Braakhekke is sinds ’95 verbonden aan D+B Architecten. ‘Wij werken vanuit de gedachte dat een gebouw meer is dan de optelsom van functies; architectuur moet menselijke activiteiten faciliteren en sociale contacten bevorderen.’ Toen hij in 2010 een presentatie meemaakte van Hans Crone, hoorde hij hem vergelijkbare woorden en zinnen uitspreken. ‘Zijn visie maakte indruk, maar ook zijn overtuiging.’ Het eerste contact leverde direct samenwerking op rondom een bio-ecologische villa in Nijmegen. ‘Een complex project waarbij Crone ons heeft geadviseerd over zonne-energie en de toepasbaarheid van wandverwarming. Het viel mij op dat hij niet de techniek als uitgangspunt hanteerde – zoals de meeste technisch-adviseurs dat doen – maar de wensen van de gebruikers.’

Inmiddels werkt D+B Architecten al drie jaar met TA Crone. ‘Wij ontwerpen woningen voor particulieren, beleggers, woningcorporaties en projectontwikkelaars. Ons bureau onderscheidt zich in de markt met menselijke, toekomstgerichte en bio-ecologische ontwerpen. Daarin is zeker ruimte voor een afwijkend, visionair denker die bovendien nog eens resultaatgericht presteert.’

Voor meer informatie over D+B klik hier

Au revoir CV?

Columns voor vsk365.nl

Hans Crone schrijft sinds deze zomer columns voor de website vsk365.nl. Deze site is gekoppeld aan de grootste vakbeurs voor w-installateurs, elke twee jaar in de Jaarbeurs Utrecht. Crone is als onafhankelijk adviseur gevraagd zijn visie te geven over installaties, energiebesparing en over innovaties op het gebied van duurzame energie. Zijn derde bijdrage gaat over alternatieven voor Centrale Verwarming en leest u hieronder. U kunt zijn columns blijven lezen op: http://www.vsk365.nl/nl/Experts

Au revoir CV?

De wereld verandert in rap tempo. Elke dag opnieuw creëren we nieuwe technologische snufjes en passen we onze inzichten en ons gedrag hierop aan. Te midden van deze ratrace blijft de Central Verwarming rotsvast overeind. Opmerkelijk en … terecht? Ik dacht van niet…

De CV – met radiatoren overal in het huis – maakte ruim 50 jaar geleden een einde aan woningen die slechts op enkele plekken waren verwarmd met een gaskachel. Eindelijk waren meerdere kamers tegelijkertijd behaaglijk en hoefden we geen kruiken meer mee naar bed te nemen om te voorkomen dat je aan de dekens vastvroor. De CV werd razend populair en de “standaard” in woningen. En eigenlijk, is de CV dat nog. Terwijl de (nieuwbouw)woning van nu toch een volstrekt andere is dan die van eind jaren ´60. 21e- eeuwse woningen zijn uitstekend geïsoleerd en worden bij voorkeur energieneutraal gebouwd. Dit omdat we heel anders zijn gaan denken over ons energieverbruik. Vanzelfsprekend, want energie is schaars en kostbaar.

centrale verwarming

Is Centrale Verwarming dan nog steeds de beste oplossing? Moet iedere kamer wel verwarmd worden? In de meeste (slaap)kamers is de radiator nooit aan: waarom zit-ie er dan? En al die leidingen door het huis en die ketel op zolder geven warmte op plekken waar dit totaal niet nodig is. En de centrale regeling van de temperatuur (met een kamerthermostaat) is ook al niet ideaal: dan wíl je eens een warme slaapkamer en lukt dit niet, omdat de woonkamer al warm is en de ketel dus niet meer brandt! Bovendien bewijzen onderzoeken dat woningen met CV aanmerkelijk méér gas gebruiken, dan woningen met lokale gaskachels. Dus …waarom proberen we niet iets anders dan CV? Zijn er geen alternatieven?

Zeker! Wat dacht u van een woning waarbij elektriciteit de energiedrager is. Een elektrische radiator die uitsluitend warmte produceert als we het in een kamer nodig hebben, is functioneel en energie-efficiënt. Daarnaast is er tegenwoordig de snel reagerende elektrische wandverwarming. Deze levert comfortabele warmte, uitsluitend als er warmtebehoefte is. Ook zijn er elektrische stralingspanelen, met een vergelijkbare aangename warmtelevering.

Elektrische verwarming – per kamer

 

 

 

 

 

 

Een laatste innovatie is de ontwikkeling van een lokale “gevelwarmtepomp”. Dit apparaat lijkt op een gevelkachel, zonder gasbrander, maar met een klein elektrisch warmtepompje. Deze onttrekt warmte aan de buitenlucht en geeft deze af aan de kamer en is bovendien nog per kamer regelbaar. Het energieverbruik? Gering, uiterst gering. De mens is conservatief, wat hij kent en waardeert, wil hij graag houden. Maar anno 2014 wordt het tijd om verder te kijken dan onze ruim 50-jarige neus lang is.

Hans Crone

Voorbeeld 2

De radiatoren zijn na inbedrijfstelling van de cv-installatie ingeregeld door de installateur. Door dit inregelen krijgen de radiatoren de juiste waterhoeveelheid en werkt de verwarming beter en energiezuiniger. Als adviseur nemen wij een meetkoffer mee, met een temperatuurmeter. We sluiten de klemvoelers aan op de aanvoer en retourleiding van de radiator. Als we dit bij meerdere (grote en kleine) radiatoren doen, moeten ze allemaal dezelfde aanvoer- en retourtemperatuur geven.

Hoe gaat dit in de praktijk? Om te beginnen verbaast de installateur (= projectleider) zich dat we zoiets gaan meten. “Dat méét je toch niet”, zegt hij.“Dit heb ik nog nooit meegemaakt!” Na een halfuurtje zit de projectleider op zijn horloge te kijken, in afwachting op zijn volgende afspraak. Hij heeft duidelijk geen tijd. Hij ziet de oplevering als een formaliteit, terwijl van tevoren is aangekondigd dat er steekproefsgewijs gecontroleerd wordt.

De gemeten temperaturen zijn onderling in goede verhouding (er is goed ingeregeld) maar ze zijn veel te hoog ten opzichte van de gevraagde stooklijn. De aanvoertemperatuur mag maximaal 40°C bedragen, omdat het buiten +5°C is, maar we meten een waarde van 55°C. De radiatoren worden daardoor te snel warm op een te hoge temperatuur. De warmte-afgifte is niet stabiel en de installatie kan niet rustig regelen. Als dit binnen bepaalde grenzen ligt, gebeurt er nog niet zoveel, maar in extreme situaties leidt dit tot comfortklachten en hoger energiegebruik.

terug naar De Kunst van het goed opleveren

Voorbeeld 1

De installateur moet een mechanische ventilatieinstallatie (MV) aanbrengen, en deze na montage goed inregelen. Van dit inregelen moeten de meetrapporten worden toegestuurd aan de directie ter controle. Daarna voert de directie een steeksproefsgewijze controle uit in de praktijk, om de rapporten te toetsen. Zonder deze rapporten wordt er niet opgeleverd.

In het bestek staat wat het inregelen betekent: het zodanig instellen van de installatie, dat deze werkt conform de ontwerpspecificaties in alle bedrijfswijzen. Voor deze MV-installatie zijn de ventilatiestanden in laag-midden-hoog capaciteit per rooster gegeven in het bestek.

Wat gaat er nu fout?

  1. a) de installateur stuurt de rapporten te laat op. De oplevering wordt hierdoor uitgesteld. De adviseur heeft meer speelruimte nodig om de rapporten te toetsen op juistheid en de installateur eventueel aanwijzingen te geven voor verbetering. Door tijdsdruk is dit uitstel vaak vervelend. Gevolg is soms dat betreffende partijen (de opdrachtgever inclusief!) de adviseur lastig vinden, terwijl hij juist datgene doet waarvoor hij is ingehuurd.
  2. b) De meetrapporten en dus het inregelen kloppen niet. In de rapporten – die vaak op het laatste moment worden aangeleverd- staan de gemeten luchthoeveelheden in de hoogste stand. De lage-, en middenstand ontbreken. Deze standen zijn dus ook niet ingeregeld. Tijdens de oplevering kan dus niet worden vastgesteld dat de installatie voldoet aan de ontwerpspecificaties. In feite komt de adviseur voor niets en moet deze op een later tijdstip terugkomen voor herhaling.
  3. c) In de praktijk blijkt dat de afzuiging te veel lawaai maakt. De installateur heeft bij de afzuigroosters de luchthoeveelheid gemeten en daarbij het rooster zover dichtgeknepen tot de gewenste capaciteit werd bereikt. Als gevolg van dit ´smoren´ ontstaat er geluid. De juiste manier van inregelen is het terugtoeren van de ventilator door alle roosters maximaal open te zetten. De ventilator draait dan veel rustiger en energiezuiniger. Vervolgens worden ook de lage-, en middenstand ingeregeld met behulp van de instellingen op de ventilator.

Wat gebeurt er als deze controle niet plaatsvindt?
Zonder controle waren bovengenoemde punten niet vastgesteld. De gebruiker had een lawaaierige installatie gehad. Daardoor had hij de installatie in de laagste stand gezet, om deze geluidsoverlast te verminderen. Dit had weer geleid tot onvoldoende ventilatie en klachten van benauwde of bedompte lucht.

terug naar De Kunst van het goed opleveren

De Kunst van het goed opleveren

Het leveren van een installatie is één. Er voor zorgen dat deze ook werkt, is twee. Daarbij draait veel om het juist inregelen. Een nauwkeurig klusje dat in de praktijk nogal eens wordt verwaarloosd. Het gevolg? Installaties die niet de prestaties halen, zoals die van tevoren zijn geschetst. Slordig en vooral ook: onnodig!

controle van de inregeling van een radiator

Stel, u koopt een auto. Doet u dit dan zonder vooraf een proefrit gemaakt te hebben? Nee. Toch gaat dat met kostbare installaties vaak wel zo. De installatie wordt weliswaar visueel gekeurd, maar niet “beproefd”. Dit leidt gegarandeerd tot problemen en klachten, al was het maar omdat een installatie geen statisch element is, maar een dynamisch werkend systeem. Om dat te ervaren, moet je de installatie laten inregelen (´finetunen´) en testen. Dit vereist rust en tijd; en juist deze factoren ontbreken vaak in de hectiek van de laatste loodjes van een bouwproject. Aangenomen dat ze überhaupt worden uitgevoerd in de offertes die de laatste tijd sterk onder druk staan. Het gevolg is dat een groot aantal gebouwinstallaties “onder” presteert. Dit ervaren wij in de praktijk als we steekproefsgewijs metingen uitvoeren.   We halen er vrijwel altijd kleine of grote verbeterpunten uit. Natuurlijk had de installateur dit zelf kunnen vaststellen, als hij de tijd had genomen voor een goede inregeling en beproeving of een deskundige hiervoor had ingehuurd … Controle is om meerdere redenen trouwens verstandig. Ook om te voorkomen dat u – als u ver na de opleveringsdatum er zelf achter komt dat de installatie onvoldoende presteert – geen juridische poot heeft om op te staan. U heeft als opdrachtgever zelfs de plicht tijdens de uitvoering te controleren. Benut deze kans voordat het te laat is.

Onderstaande voorbeelden spreken voor zich…

voorbeeld 1 De installateur moet een mechanische ventilatieinstallatie (MV) aanbrengen

voorbeeld 2 De radiatoren zijn na inbedrijfstelling van de cv-installatie ingeregeld door de installateur

Betrouwbare simulaties en calculaties

BAM Woningbouw W&R ontwikkelt woningen op een andere manier en met opvallend lage energielasten. Een vast team van “co makers” begeleidt hen hierin, waaronder ook Technisch Adviesbureau Crone. ’Zij koppelen creativiteit aan degelijkheid, een unieke combinatie.’

Willem Otter, directeur van BAM Woningbouw W&R

BAM Woningbouw W&R realiseert jaarlijks zo’n 800 tot 1000 woningen. In hun werkwijze vormt een referentiewoning altijd het vertrekpunt. ‘Aangezien 3 op de 4 nieuwbouwwoningen identiek zijn, managen wij vooral op de afwijkingen,’vertelt Willem Otter, directeur. ‘Dit leidt tot tijdsbesparing en minder hoge faalkosten.’ In deze methodiek opereert BAM Woningbouw W&R met een aantal vaste partijen, waaronder een vaste adviseur. Crone is dat al 17 jaar. ‘Zij verzorgen alle epc- en bouwbesluitberekeningen, maar zijn sinds zes jaar ook intensief betrokken bij de realisatie van nieuwe duurzaamheidsconcepten, zoals de Groenwoning, de Groenwoning All Electric en Willem Otter, directeur van BAM Woningbouw W&R recent: de Energienotaloze-woning.’

Nul op de Meter

Het uitgangspunt bij al deze type woningen is een hoog comfort en opvallend lage energielasten. ‘We kijken daarbij nog verder door vooral te investeren in systemen die energie opleveren, zoals thermische zonne-energie. De gebruiker wint dan jaarlijks net zoveel energie, als dat hij gebruikt. Het gevolg? “Nul op de Meter”. ‘Ook in dit concept is de inbreng van Hans Crone substantieel. ‘Hans denkt out-of-the-box, bewandelt nieuwe paden en is wars van trends. Tegelijkertijd zoekt hij zijn suggesties tot op de bodem uit, met betrouwbare simulaties en juiste calculaties. Dat past bij BAM, wij bieden onze klanten zekerheid en vertrouwen.’

Voor meer informatie over BAM Woningbouw W&R klik hier.

Brabantwoningen: laagste EPC van Nederland!

Na al eerder tot het meest duurzame project uitgeroepen te zijn, hebben de “Brabantwoningen” ook de laagste energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van Nederland, namelijk -0,29. Dit extreme getal kwam eind november jl. naar voren uit onderzoek van Agentschap NL. Crone Advies was begin 2013 verantwoordelijk voor het ontwerp van de installaties en begeleiding van de uitvoering.

Het project Brabantwoningen uit Sint Oedenrode bestaat uit 27 energieneutrale sociale huurwoningen. De woningen zijn in opdracht van woningcorporatie Wovesto op een betaalbare, gezonde en energie-neutrale manier gerealiseerd. Het ontwerp is deels gebaseerd op het Passiefhuis-principe: door een luchtdichte, hoge isolatie van de woningschil is er heel weinig energie nodig voor verwarming en koeling. Daarnaast zijn de woningen uitgevoerd met een zonneboilersysteem, een warmtepomp en natuurlijke toevoer van de verse ventilatielucht.

‘Doordat geen warmteterugwinning op de ventilatielucht wordt toegepast, is er dus altijd afvoerlucht van 20° beschikbaar. Een kleine warmtepomp koelt deze lucht af voordat ze naar buiten gaat en gebruikt de verkregen warmte voor (vóór-) verwarming van het cv- en tapwater´, aldus Hans Crone.

Kleine warmtepomp op ventilatielucht – Inventum Ecolution

 

Zoals bedoeld

Crone Advies was onder meer verantwoordelijk voor het ontwerp van de installaties. ‘Bovendien hebben wij controles uitgevoerd tijdens de bouw en zijn we intensief betrokken geweest bij het in bedrijf stellen van de installaties. In deze energiezuinige installatie is het belangrijk dat het precies zo werkt als bedoeld, omdat anders het doel (een lage energierekening) niet wordt bereikt.’ Inmiddels is duidelijk dat deze doelstelling met een EPC van -0,29 wél is bereikt. Crone: ‘Het bouwbesluit schrijft als eis 0,60 voor. Hier hebben we deze eis overtroffen, en niet zo’n klein beetje ook!’

De hele waarheid over de warmteverliesberekening

Columns voor vsk365.nl

Hans Crone schrijft sinds deze zomer columns voor de website vsk365.nl. Deze site is gekoppeld aan de grootste vakbeurs voor w-installateurs, elke twee jaar in de Jaarbeurs Utrecht. Crone is als onafhankelijk adviseur gevraagd zijn visie te geven over installaties, energiebesparing en over innovaties op het gebied van duurzame energie. Zijn derde bijdrage gaat over alternatieven voor Centrale Verwarming en leest u hieronder. U kunt zijn columns blijven lezen op: http://www.vsk365.nl/nl/Experts

De hele waarheid over de warmteverliesberekening

1 + 1 = 2, toch? Tenzij … 1 niet precies 1 is, maar iets meer of iets minder. Dan klopt 2 ook niet meer. Rekenen luistert nauw, zeker ook bij het ontwerpen van een verwarmingsinstallatie. Veel draait in dat verband om de warmteverliesberekening; deze berekent de hoeveelheid warmte die door ventilatie en isolatie verloren gaat. De uitkomst bepaalt vervolgens het totale CV-vermogen en de benodigde warmte per vertrek. De juistheid van deze berekening is cruciaal en zorgt voor een optimaal binnenklimaat …..of niet. Dat is dus een kwestie van even goed rekenen!

Warmteverlies

Binnenhuiswarmte gaat nu eenmaal verloren, via ventilatie of via wanden, ramen, deuren, via de vloer of het dak. Ook al zijn huizen nog zo goed geïsoleerd, warmteverlies –  dus “verliesposten” – heb je altijd. Toch is de invloed van sommige verliesposten door de isolatiegolf van de laatste decennia ingrijpend veranderd. Helaas wordt dit nog onvoldoende benadrukt in de huidige berekeningsmethodieken. Neem het warmteverlies door de woningscheidende wand; het warmteverlies dus naar de buren. In de huidige berekeningsmethodiek voor woningen (ISSO-51) wordt rekening gehouden met een fors warmteverlies naar de buurwoning (die volgens de berekening 10 of 15 °C is) omdat de woningscheidende wand niet geïsoleerd is.. Omdat de buitenwanden- en vloer wél (zeer) goed geïsoleerd zijn, kan dit verlies naar de buren volgens de berekening wel …30.% van het totale verlies zijn!

Een beetje extra…

Maar omdat deze buurwoningen óók zeer goed geïsoleerd zijn, koelen deze nooit af tot 15°C, laat staan tot 10°C. Meestal zijn ze even warm als de eigen woning. De berekende verliespost van …30% staat dus feitelijk gelijk aan een overcapaciteit van …30%!v

Niet erg toch, een beetje extra, zou je denken. Maar juist deze overcapaciteit pakt soms vervelend uit. Want in de woonkamer hangt de kamerthermostaat en deze bepaalt of de cv-ketel brandt of niet. U voelt hem al aankomen… door de overcapaciteit warmt de woonkamer sneller op, en schakelt de ketel daardoor eerder uit, té snel voor de andere kamers. Deze zijn namelijk nog niet warm, omdat een slaap- of badkamer met minder warmteverlies naar de buren – volgens de berekening – deze overcapaciteit mist.

De oplossing?

Registreer het warmteverlies naar de buren in de berekening als overcapaciteit en zorg ervoor dat alle andere kamers een procentueel even grote overcapaciteit krijgen toebedeeld. Als u ten minste wilt dat uw klanten tevreden zijn over de temperatuur in alle kamers in huis.

Hans Crone

Geen ventilator, maar toch frisse lucht!

Mensen zijn kuddedieren. Bij voorkeur volgen ze elkaar trouw, zonder vragen te stellen. Dus als iedereen aan mechanische ventilatie doet, ontwerpt of realiseert u dit ook. Terwijl aantrekkelijke alternatieven voor het oprapen liggen: beter, makkelijker en geluidsarmer.

Alles wat mechanisch is, heeft helaas een aantal nadelen: het raakt vervuild en het maakt geluid. In woonzorghuizen spreken bewoners dan al gauw over overlast en lawaai. Voor hen zijn dit soort externe prikkels, allesbehalve aangenaam. Omdat wij een installatie ontwerpen voor deze mensen – en niet voor deze gebouwen – kiest TA Crone bij nieuwe woonzorghuizen steeds meer voor een alternatief ventilatiesysteem.

Theorie

Ventileren wil zeggen zorgen voor een constante luchtverversing met frisse buitenlucht. Deze luchtstroming breng je op gang door gebruik te maken van twee natuurlijke effecten: winddruk en thermische trek. Winddruk creëer je door twee openingen in een gevel of dak te maken die een verschillende oriëntatie hebben. Dit zie je terug als je ´de ramen tegen elkaar open zet´. Thermische trek gaat uit van warme lucht die opstijgt. Maken we een gat in het dak, dan zal warme lucht uit het gebouw opstijgen. Tegelijkertijd komt er verse buitenlucht naar binnen.

Praktijk

Hoe realiseer je dit nu in de praktijk? In de meeste woonzorghuizen zijn de slaapkamers van de bewoners gekoppeld aan een individuele badkamer. Neem bijvoorbeeld zorgboerderij Het Grote Heklaantje te Schoorl (foto). Hier worden de slaapkamers geventileerd – volgens de eisen van het bouwbesluit – door middel van een zelfregelend ventilatierooster in het kozijn. In de badkamer is een afvoerpijp gemonteerd, die rechtstreeks uitkomt op het dak. Daar wordt een speciale afvoerkap geplaatst (de Ubbink Multivent) die trek bevordert en een zeer lage weerstand heeft. U ziet deze duidelijk op de foto.

Zorgboerderij Grote Heklaantje te Schoorl (Bron: Negen Graden Architectuur)

Helemaal vanzelf gaat het maken van een natuurlijk afvoersysteem niet. Hoe simpel het ook lijkt, er kunnen nog steeds zaken fout gaan, zoals bijvoorbeeld in het project waarbij tijdens oplevering bleek dat er ongeschikte (goedkopere!) dakkappen waren geplaatst. Of waarbij de installateur toch uit gewoonte afzuigventielen met een te hoge weerstand had gekozen

Installatie-arm

Overigens, in de badkamers is geen verwarming aangebracht; dit is niet nodig vanwege de hoge bouwkundige isolatiewaarden én de overstroom van warme lucht uit de zit-/slaapkamer. Al met al voldoet dit ventilatiesysteem aan alle voorwaarden en houdt het dus ook rekening met korte, rechte kanalen en een lage weerstand. Het resultaat is een ´installatie-arm´-ontwerp, dat tegen lage investeringskosten en met een beperkt onderhoud, voor een fris en comfortabel binnenklimaat zorgt. En dat jarenlang. Daar kan geen kuddedier tegenop!

“Hij kickt niet op buizen en kille installaties’

Negen graden architectuur is een Nederlands/Duits architectenbureau met een voorliefde voor vrije, dynamische en organische vormgeving. ‘Wij creëren een duurzame, aangename en verbindende leefomgeving,’ aldus Yaike Dunselman. Bij veel van hun projecten, schakelt Dunselman TA Crone in. ‘Bij Hans Crone vormt niet de techniek het uitgangspunt, maar de bewoner. Dat spreekt mij erg aan!’

Samen met een Duitse studiegenoot startte Yaike Dunselman in 2004 negen graden architectuur. Sindsdien ontwerpt dit bureau in Duitsland overwegend bedrijfspanden en maakt het in Nederland indruk met duurzame en vooral ook aangename woningen, scholen en zorghuizen. ‘Met name in dit soort gebouwen is behoefte aan plezierige, gezonde en prikkelarme binnenruimtes. In de vormgeving zoek je het dan in kleur, vorm en in materiaalgebruik. Maar installaties kunnen dit streven ook ondersteunen.’

Volgens Dunselman zijn de meeste adviseurs techneuten, die op een weliswaar intelligente en functionele manier naar het binnenklimaat kijken, maar onvoldoende rekening houden met behoeftes van bewoners. ‘Hans is anders, hij kickt niet op buizen en op kille installaties. Hij denkt vooral aan de leefomstandigheden, die moeten optimaal zijn. Daarbij voelt hij zich volledig verantwoordelijk en handelt hij autonoom; wat anderen van hem vinden laat hem koud.’

Hinderlijke grondtoon

Inmiddels werkt negen graden architectuur al jaren samen met TA Crone; van het Agrarisch Zorgproject Grote Heklaantje in Schoorl, tot de Vrije School Vuurvogel in Zoetermeer en het Woonzorghuis Hermes Huis in Bosch en Duin. ‘Prettig aan hem is dat hij zich openstelt voor ideeën, nooit vooringenomen is. Daarbij realiseert Crone zich net als wij, dat een bewoner in een zorginstelling niet zit te wachten op een hinderlijke grondtoon als gevolg van mechanische ventilatie.’

De projecten die negen graden architectuur vormgeeft, zien er niet alleen fraai en menselijk uit, maar winnen ook regelmatig prijzen. ‘Maar als ik om mij heen kijk, is dat geen prestatie van formaat meer. In ons land leven we in een enorme welvaart en toch wordt op uitzonderingen na steeds meer anoniem, kil en kortzichtig ontworpen. Als ik op een snelweg rijd, vind ik Nederland echt lelijk geworden: saai, voorspelbaar en ook brutaal. Terwijl er toch zo veel mogelijkheden zijn!’

Klik hier voor meer informatie over Negen Graden Architectuur

Hans Crone als gids op congres

Afgelopen donderdag was er in Ede een congres over All Electric Woningen. Gastspreker Hans Crone hield daar een vurig pleidooi voor het gebruik van elektriciteit in en om het huis. ‘Het is schoner, makkelijker, multifunctioneel en efficiënt.’ De meeste installateurs, architecten, aannemers en adviseurs reageerden uiterst positief op zijn eigenzinnige, maar realistische verhaal.

‘Als we de keuze hebben tussen twee routes, waarom kiezen we dan altijd voor de route die we al kennen? Misschien is die andere wel sneller, fraaier of avontuurlijker. Zo doen we het ook in onze afweging tussen gas en elektriciteit. Al decennia verwarmen we – en koken we – op gas, terwijl elektriciteit zoveel meer kansen biedt.’ Ruim 125 professionals uit de installatiebranche zaten op 22 mei met veel interesse te luisteren naar de woorden van Hans Crone. De directeur/eigenaar van TA Crone was uitgenodigd door het Instituut voor Business Research (I-BR) om in de Reehorst bezoekers te helpen bij het heroverwegen van hun keuze voor gas. ‘Maar 50% van de warmte die we bij het koken produceren, komt terecht in de pan; de andere helft in de keuken, in die geïsoleerde keuken wel te verstaan. Dat wordt daar flink warm!’ Crone had weinig tijd nodig om zijn statement te maken. ‘Hoe anders is dat met elektriciteit? Een elektrisch fornuis geeft uitsluitend warmte en geen waterdamp of CO2.‘

 

 

 

 

Gids

Waarmee Crone afgelopen donderdag maar aangaf dat het voor hem geen “of-of” keuze is, maar een keuze die afhangt van de woning. ‘Ik heb geen belang bij de verkoop van elektriciteit, ik stel slechts vast dat we te voorspelbaar en te “blind” kiezen voor gas. Daar is geen projectontwikkelaar, geen woningbouwvereniging – en al helemaal – geen bewoner bij gebaat. Als we serieus naar de mogelijkheden van elektriciteit kijken, zien we veel verschillende elektrische verwarmingsinstallaties, die aan diverse wensen kunnen voldoen. Als mensen bereid zijn ook eens het andere pad te volgen, wil ik graag hun gids zijn.’

Kamerthermostaat

De voorkeur voor elektriciteit zit bij Crone naast de milieufactor, ook bij het gemak en bij het transport van elektriciteit. ‘In de meeste huizen is het in de woonkamer door de zon die naar binnen schijnt, lekker warm, terwijl de kamer aan de noordzijde koud blijft, omdat de kamerthermostaat in de woonkamer niet aanspringt. Een elektrisch radiatortje is dan een uitkomst.’ In dit voorbeeld had de woning relatief weinig warmte nodig. ‘Heeft een woning echter veel warmte nodig, dan moet je zo weinig mogelijk elektriciteit gebruiken bij het opwekken van de benodigde warmte. Dan volstaat een warmtepomp met een bodembron, vanwege het hoge rendement van dit toestel. ‘

Wat zegt een gemiddelde nou?

Het was een fraaie zomer. Vertellen de deskundigen uit De Bilt ons. Zij staven hun beweringen met cijfers die aantonen dat zowel het aantal zonne-uren hoger lag dan gemiddeld, als ook de temperatuur. Bovendien was ook de neerslag minder dan gemiddeld. En toch…, als je in augustus in Nederland vakantie hebt gevierd, heb je een volstrekt andere perceptie: minder positief, minder zonovergoten en vooral: erg veel natter. Wat is dan de waarde van een gemiddelde?
Bij het ontwerpen en realiseren van een installatie, vormen gemiddelden onze leidraad. We denken vanuit een gemiddeld gezin (1,5 kind en een hond), met een gemiddelde levensstandaard, een gemiddelde warmtebehoefte en dus een gemiddeld energieverbruik. Onze installaties baseren we hierop, terwijl … hoe vaak ziet u een gezin met 1,5 kind?!

Het blindelings hanteren van gemiddeldes bij het ontwerpen van een installatie is niet zonder risico. Als ons uitgangspunt is, een installatie te realiseren die voor alle gebruikers de meest ideale is, moeten we zeker ook rekening houden met de onderlinge verschillen tussen bewoners. In de praktijk variëren deze meer dan wij denken, veel meer. Zo maak ik het regelmatig mee dat het laagste gasverbruik in een woonproject bijvoorbeeld rond de 500 m3 ligt en het hoogste rond de 1500 m³. Dat is een verschil van factor 3! In goed geïsoleerde woningen is het zelfs factor 4! Als we bij het ontwerpen van de installatie uit gaan van het gemiddelde verbruik, kan het wel eens zijn dat de installatie voor de hoogste verbruiker helemaal niet voldoet. En dat deze voor de laagste verbruiker veel te groot, te complex en te duur is.

Een voorbeeld: stel we ontwerpen een installatie met een kleine warmtepomp die groot genoeg is om te voldoen aan de “gemiddelde” warmtevraag, voorspelt door de epc-berekening. We voorzien het toestel van een elektrisch verwarmingselement dat uitsluitend bedoeld is in extreme situaties gebruikt te worden. Iemand die echter een warmtevraag heeft van anderhalf keer het gemiddelde, heeft dit elektrisch element veel vaker nodig. Het gevolg? Een veel hoger elektriciteitsverbruik dan “verwacht”. Daar is deze bewoner niet blij mee!

Kan dat anders? Ja. Maar dan moeten we wel stoppen met het ontwerpen van installaties op basis van gemiddeldes. De ervaring leert dat een gemiddelde niets meer is dan een rekenkundige abstractie; het zegt weinig over de werkelijkheid, over de reële warmtevraag. Waar het om gaat is woningen en installaties te ontwerpen die tegemoet komen aan de behoeften en wensen van de werkelijke bewoners. Bij het ontwerpen is het dus verstandiger je te richten op uitersten (bewoners met een laag en een hoog verbruik), dan op gemiddelden. Want…, als het werkt voor de uitersten, werkt het ook voor de gemiddelden. Veel bewoners zijn u dankbaar!

Hans Crone

Eigenwijsheid leidt tot opluchting

60-plussers een aangename oude-dag bieden, dat is wat KleurrijkWonen wil. Daarom investeert deze woningcorporatie de komende maanden in de renovatie van 36 senioren-appartementen in Giessenburg. Daarbij werd het voorstel om de appartementen los te koppelen van de collectieve CV- en warmtapwaternetten herzien en op basis van een aantal “eigenwijze ideeën” van Crone Advies gewijzigd.

Met 12.000 woningen is Kleurrijk Wonen uit Culemborg een middelgrote corporatie, met een relatief groot werkgebied, van Culemborg tot Geldermalsen en Giessenburg. Daar beheert de corporatie 40 jaar oude senioren-appartementen. ‘Deze zijn toe aan een stevige opknapbeurt,’zegt Wim Looijen, projectleider. Tot deze conclusie kwam hij vorig jaar na een grondige inspectie, waarbij hij zowel aandacht had voor de gevel en het schilderwerk, als voor de CV-installatie, de leidingen en de isolatiegraad. ‘Om het leefklimaat voor de bewoners te verbeteren, de energiekosten te verlagen en de appartementen aantrekkelijk te maken voor verhuur, hebben we gekozen voor een ingrijpende renovatie.’
Aanvankelijk bestond deze onder andere uit het plaatsen van 40 nieuwe cv-combiketels en het ontkoppelen van elk appartement van het bestaande collectieve CV-net en bestaande warmtapwaternet. ‘Dit zou een hoog rendement opleveren.’ Maar er kleefden ook nadelen aan deze keuze. ‘Voor een CV-combiketel moeten bewoners kastruimte opofferen en moeten er leidingen in het zicht worden aangelegd en grote gaten worden geboord in de betonvloer.’ Een andere tegenvaller zou de afschrijving zijn van vijf collectieve CV-ketels van nog geen drie jaar oud!

Wijsheid

Wat is wijsheid? Om daar achter te komen, kreeg Crone Advies de opdracht met een voorstel te komen. ‘Eigenwijs als wij zijn, hebben wij zelf een quickscan uitgevoerd naar diverse installatieconcepten,’vertelt Irene van Veelen. ‘Daaruit bleek dat “verketelen” weliswaar het hoogste rendement zou geven, maar dat dit ook de meest kostbare optie zou zijn en erg arbeidsintensief. Daarom kwamen wij op de idee om de vijf collectieve CV-ketels te renoveren, de leidingen en de radiatoren te vernieuwen en bij elke individuele bewoner een elektrische boiler te installeren. Deze elektrische boiler is weliswaar wat duurder in gebruik dan een cv-combiketel, maar veel zuiniger dan het oude collectieve net. En de bewoner betaalt alleen voor wat hij gebruikt.’

Opgelucht

Wim Looijen en KleurrijkWonen zijn tevreden met de plannen van Crone Advies. ‘En opgelucht, ook omdat we ons realiseerden dat onze bewoners niet zaten te wachten op maandenlange overlast en troep. En terecht.’ Al de komende maanden worden de werkzaamheden aan de installatie, de leidingen en de radiatoren uitgevoerd. ‘De samenwerking met zowel Crone Advies als aannemer Vios uit Utrecht, verloopt erg soepel. Tot op heden zijn we erg blij met deze keuze.’

“Crone denkt in comfort en eenvoud”

Vorig jaar ontving Bouwbedrijf Wagemakers de Graydon Financieel Gezond Award. Daarmee behoort dit Brabantse familiebedrijf tot de financieel meest gezonde ondernemingen in de Nederlandse bouwbranche. Hun sleutel tot succes? ‘Wij omringen ons met uitsluitend specialisten die tijdens het bouwproces – net als wij – oog hebben voor bewoners en dus denken in comfort en eenvoud,’ aldus commercieel directeur Karin Wagemakers. TA Crone werkt al acht jaar samen met Bouwbedrijf Wagemakers

Bouwbedrijf Wagemakers is sinds haar oprichting in 1946 een familiebedrijf volgens de beste tradities. Bij deze onderneming – actief in de woningbouw, utiliteitsbouw en renovatie/groot onderhoud – draait alles om samenwerking en betrokkenheid. ‘Het eindresultaat van een bouwproces wordt positief beïnvloed als het samenspel tussen alle betrokkenen optimaal is geweest,’ zegt Karin Wagemakers. ‘Daarom verzamelen wij adviseurs om ons heen die niet alleen de beste zijn in hun vakgebied, maar waarmee wij ook op een lijn zitten en we makkelijk kunnen schakelen.’

EPC

Tot deze adviseurs behoort ook TA Crone. ‘Als specialist in EPC-berekeningen, controleren zij de calculaties van architecten en geven zij ons alternatieve installatie-technische adviezen.’ Daarbij valt het de commercieel directeur op dat ook TA Crone primair vanuit bewoners redeneert. ‘Vooral Hans denkt altijd eerst aan comfort en leefbaarheid, vervolgens verbindt hij dit met kosten en energieprestaties. Zijn enorme expertise op het gebied van EPC, in combinatie met zijn praktische vermogen om kleinschalige oplossingen flexibel te laten realiseren én te laten renderen, is zijn grote kracht.’

Raam open

Wagemakers is tevreden met Crone. ‘Ook omdat hij, in tegenstelling tot vele anderen, niet meteen zijn heil zoekt in ingewikkelde systemen en oplossingen, zoals geforceerde ventilatie of warmte-terugwinopties. Deze zijn juist erg populair onder architecten, vanwege de EPC-scores. Wat bij hen ontbreekt, is expertise over gebruiksvriendelijke alternatieven, met eveneens een goede EPC-score. Het gevolg? Architecten kiezen vaak voor de standaard-optie, terwijl Crone in zijn overwegingen vooral ook rekening houdt met de uiteindelijke bewoners. Volgens hem worden bewoners juist blij van een huis, waar ook een “raampje open” nog open kan. Wij delen vaak zijn mening.’

EPC-eisen per 1 januari scherper

Vanaf 1 januari 2015 worden de EPC-eisen flink scherper. En niet zo´n klein beetje ook: voor woningen gaat deze naar 0,4. Dat is 33% lager dan de huidige eisen. Voor utiliteitsgebouwen is deze soms zelfs 50% lager! Hoe gaat u dit voor elkaar krijgen? Wij helpen u!

Er zijn vele wegen naar Rome. U kunt het te voet afleggen, over een onverhard pad lopen en een omweg nemen. Verstandiger is echter de snelste en meest comfortabele route te nemen. Als EPC-specialist helpen wij u hierbij op weg. Daarbij hanteert TA Crone het uitgangspunt: een huis of gebouw moet prettig zijn om in te wonen of te werken. Natuurlijk is het beperken van de energie-vraag essentieel, maar de hoogste prioriteit is de bewoner en zijn of haar woon/werkgenot en comfort.

Principiële keuzes

Gaan deze twee samen? Absoluut. Zeker als je besluit om de nieuwe, strengere EPC-eisen te zien als een uitgelezen moment om de manier waarop wij huizen en gebouwen ontwerpen, tegen het licht te houden. Vooral omdat we nu al weten dat de verscherping op 1 januari niet de laatste zal zijn: de overheid wil in 2020 uitsluitend nog maar “bijna energie-neutrale” gebouwen laten realiseren. Daarom luidt ons advies: houd nu al rekening met dit streven, zeker bij uw principiële keuze´s.

Wilt u onze andere adviezen en tips op het gebied van EPC ook graag horen? Of wilt u uw berekeningen door ons laten verrichten? Neem snel contact met ons op…, want 1 januari is het zo.

De nieuwe EPC eisen per 01-01-2015:

EPC-eis nu EPC-eis 2015 % aanscherping
Woningen en woongebouwen 0,60 0,40 33%
Bijeenkomstfunctie 2,0 1,1 45%
Celfunctie 1,8 1,0 44%
Gezondheidszorg met bedgebied 2,6 1,8 31%
Gezondheidszorg overig 1,0 0,8 20%
Kantoorfunctie 1,1 0,8 27%
Logiesfunctie in logiesgebouw 1,8 1,0 44%
Onderwijsfunctie 1,3 0,7 46%
Sportfunctie 1,8 0,9 50%
Winkelfunctie 2,6 1,7 35%

 

En ook de eisen die Bouwbesluit stelt aan de isolatiewaarde worden per 01-01-2015 gewijzigd:

Eis nu Eis per 01-01-2015
Gevels > 3,5 m².K/W > 4,5 m².K/W
Daken > 3,5 m².K/W > 6 m².K/W
Vloeren > 3,5 m².K/W > 3,5 m².K/W
Kozijnen < 1,65 W/m².K < 1,65 / 2,2 W/m².K *

*)        De eis voor kozijnen is iets versoepeld: per kozijn geldt nu < 2,2 W/m².K, maar het gemiddelde per gebouw moet < 1,65 W/m².K zijn.

Nul op de meter is als een boemerang

Het moet gezegd: nul op de meter klinkt goed. Een huis zonder energierekening; wie wil dat niet? Dat aannemers op grote schaal woningcorporaties met deze toezegging proberen te verleiden en corporaties dat op hun beurt met huurders doen, verbaast mij niets. Probleem is wel dat de garantie nul op de meter een valse belofte is, omdat deze is gebaseerd op gemiddelde aannames, van gemiddelde huurders. En die bestaan niet. Of kent u ze wel?

Daarom deugt het niet om bewoners een garantie te geven dat hun energieverbruik in hun nieuwe woning altijd nul is. Je ziet nu ook dat verschillende nieuwbouwpartijen moeite hebben deze toezegging in een contract te gieten. Logisch, want wie is er verantwoordelijk als het energieverbruik opeens sterk afwijkt van het beloofde gemiddelde? De bewoner, de corporatie of de aannemer? Op een heftige discussie over deze schuldvraag, zit niemand te wachten, zeker niet de bewoner.

Toch lijkt dit onvermijdelijk, omdat de toezegging nul op de meter is gebaseerd op een van tevoren berekend gemiddeld energieverbruik van de woning. Daarbij is de meest beslissende factor: “het gedrag van de bewoners“ op neutraal gezet. En juist dáár zijn de onderlinge verschillen het grootst: de een voelt zich behaaglijk bij een gemiddelde kamertemperatuur van 21°, een ander bij 18°; de een houdt ervan een kwartier onder de douche te staan, een ander vijf minuten; de een doet regelmatig een raampje open, de ander juist niet. Door afwijkend gedrag ontstaan grote discrepanties, waarbij de ene bewoner eindafrekening ontvangt van 4000 kWh en de andere van ruim 8000 kWh. En dan?

Daarom roep ik de bouwsector op dit soort garanties niet te geven. Ik begrijp dat bewoners, corporaties en projectontwikkelaars behoefte hebben aan zekerheid, maar beloftes doen over een bepaalde energieprestatie, die door de eindgebruiker in hoge mate wordt beïnvloed, is weinig verstandig. Geef – in plaats daarvan – garanties over aspecten die u wel in eigen hand heeft, zoals de totale woning, of specifieke onderdelen, zoals de isolatie, de PV-panelen, de verwarmingsinstallatie. Maar beloftes doen, gebaseerd op gemiddeldes, is hetzelfde als het gooien van een boemerang: vroeg of laat krijgt u deze retour. Altijd op een onverwacht moment en met een ongewenst effect.

Welkom Sanneke!

Misschien heeft u haar al aan de lijn gehad: de vriendelijke, enthousiaste stem van Sanneke Schiphorst. Deze 32-jarige Nijmeegse is sinds 1 februari jl. onze nieuwe specialist op het gebied van Energie-Index berekeningen. Positief, nauwkeurig en met verstand van zaken: wat wilt u nog meer? Een kennismaking natuurlijk!

‘Ik heb Bouwkunde gestudeerd aan de TU Delft, met als specialisatie restauratie en renovatie,’vertelt Sanneke. ‘Ik vond bestaande bouw toen al interessanter, meer realistisch en dus uitvoerbaar.’ Haar specialisatie bleek al gauw een verstandige keuze te zijn, want door de crisis werd renovatie “hot”en nieuwbouw “not”. En dus kreeg ze meteen een baan als architect op een Haags Architectenatelier. Vervolgens ontwierp en begeleidde ze projecten voor Negen graden architectuur in Amersfoort. Daar ontmoette ze Hans Crone. ‘Hij viel mij op omdat hij niet uitsluitend oog had voor onze berekeningen, maar ook voor de wensen van de gebruiker. Voor een adviseur was en is dat opmerkelijk.’

Na tal van omzwervingen in binnen- en buitenland, werkt Sanneke nu voor TA Crone. Inmiddels is ze moeder van 2 kleine kinderen en werkt ze drie dagen per week. Het enthousiasme voor haar werk is gebleven, haar fascinatie voor cijfers is zelfs gegroeid. ‘Bij mijn vorige werkgever in Sjanghai, heb ik veel bouwfysische berekeningen gemaakt en dus kennis gemaakt met de meer technische, cijfermatige kant van mijn werk.’ Dat ze nu bij TA Crone vooral de Energie Index-berekeningen verzorgt, ervaart ze als een ideale situatie. ‘Het is praktisch, overzichtelijk en scherp werk, waarbij we hier kijken naar de “harde” waarden, maar ook naar de “zachte”, zoals behoeften en verlangens van de gebruikers.

Sinds de Energie Index per 1 januari van kracht is, neemt het aantal aanvragen bij het gecertificeerde TA Crone dagelijks toe. ‘Hans en ik hebben de opleiding gevolgd en zijn nu gecertificeerd.’ Beide maken ze dus EI-berekeningen voor met name corporaties en aannemers. ‘Het zijn niet uitsluitend deze berekeningen die mijn werk zo leuk maken; het is ook het klantcontact. Je verdiepen in wat hij of zij wilt en daarin een professioneel advies geven, is minstens zo interessant,’aldus de sportieve en muzikale Sanneke. U bent gewaarschuwd….

Crone gecertificeerd voor Energie Index berekening!

Sinds 1 april jl. is TA Crone gecertificeerd voor het berekenen van de Energie Index. Deze Energie Index is nodig voor het berekenen van o.a. de huur. Woningbouwcorporaties zijn sinds begin dit jaar verplicht deze EI-berekening uit te laten voeren. Bij uitsluitend gecertificeerd bedrijven wel te verstaan… .

Sinds 1 januari 2015 is het Energielabel voor woningen vervangen door twee nieuwe indicatoren: een “eenvoudig Energielabel” en de “Energie-Index” (EI). Eerstgenoemde is vooral een verplichting om te voldoen aan de Europese regelgeving. Deze schrijft voor dat iedere woning die wordt opgeleverd, verkocht of verhuurd in ieder geval een “eenvoudig energielabel” moet hebben. Deze labels gaan van G to A, waarbij A het zuinigst is, en zijn gebaseerd op een zeer globale beoordeling van 10 aspecten van de woning. U kunt deze labels aanvragen via een website van de overheid. Energielabelvoorwoningen.nl.

Gebruik Energie Index

De EI is verplicht voor o.a. woningcorporaties, voor het verkrijgen van WWS-punten op basis van de energieprestatie van de woning. Daarnaast gebruikt u de EI bij uw aanvraag van subsidies. Op basis van de EI wordt vervolgens automatisch het vereiste “eenvoudig energielabel”gegenereerd. Dit geldt voor zowel nieuwbouw-, als bestaande woningen.

Verschillen EPC

De berekening van de EI is nagenoeg gelijk aan de EPC-berekening, zoals die voor nieuwbouwwoningen gemaakt wordt. Op details wijkt deze echter wel af. Een ander verschil is de controle. Vindt deze voor een EPC nog plaats door Bouw- en Woningtoezicht (o.a. voor de aanvraag van een bouwvergunning), deze blijft volledig achterwege bij een EI-berekening. Daarom mag deze uitsluitend gemaakt worden door gecertificeerde bureaus!

Gecertificeerd

Wij zijn hiervoor gecertificeerd. Zoals we ook al sinds de invoering van de EPC-eisen dit soort berekeningen maken en adviezen geven, doen wij dit nu weer. Steeds meer bestaande woningbouwprojecten worden gerenoveerd, met als doel een lagere energie-index te verkrijgen. En omdat een EI ook voor nieuwbouw (huur-) woningen een vereiste is, leek ons dit een goed moment om ons te certificeren voor het mogen maken van deze berekeningen. Hoe we dit doen? Zoals u van ons gewend bent: accuraat en met een helder en reëel advies over de beste oplossingen.

Wilt u een EI-berekening? Maak dan nu een afspraak!

Trias Energetica

Vorig jaar werd de nieuwbouw van de Brede School in Mill genomineerd voor de Nederland Duurzaam Bouwen Award. Onder leiding van GiesbersWijchen, creëerde een samenwerkingsverband van bedrijven – waaronder ook TA Crone – een project dat volgens het Trias Energetica-principe werd opgeleverd. Met als resultaat een hoge GPR-score voor minder budget dan was gepland.

GiesbersWijchen is een vastgoedonderneming, ontwikkelaar en bouwbedrijf ineen. Het verenigt deze werelden en creëert zo meerwaarde voor de klant. Daarbij draait het vooral om duurzaamheid. ‘In onze zoektocht naar partnerbedrijven die een vergelijkbare insteek hebben, kwamen we jaren terug TA Crone tegen,’ aldus Paul van Doorn, Projectleider Ontwikkeling. ´Crone onderscheidt zich als adviseur door alle pijlers van duurzaamheid integraal mee te nemen in hun afwegingen. Daarbij hanteren ze net als wij de drie stappen van Trias Energetica als uitgangspunt, waarbij je eerst kijkt naar de bouwkundige maatregelen om energie te besparen en daarna naar de mogelijkheden om dit op een duurzame manier te doen. Pas bij stap 3 wordt een keuze gemaakt in installaties die nodig zijn om de resterende energiebehoefte met fossiele brandstoffen te voorzien.´ Volgens Van Doorn richt de installatie-adviseur zijn vizier vooral op de installatietechniek en een bouwfysisch-installateur zich op de bouwfysische aspecten. `Logisch, want zij hebben door opleiding en expertise vooral verstand van één van beiden. In tegenstelling tot Crone, zijn ze daarmee minder gericht op het toepassen van Trias-energetica als duurzaamheidssprincipe in het ontwerpproces.’

5 pijlers

En juist daar ligt de meerwaarde waar GiesbersWijchen zo nadrukkelijk naar streeft. ‘Door integraal sturing te geven en verschillende disciplines op elkaar af te stemmen, ontstaat voor de gebruiker uiteindelijk het meest duurzame- en economisch interessante resultaat.’ Daarbij hanteert het bedrijf de GPR-methodiek, die ontwikkeld is vanuit een visie op duurzaamheid en bestaat uit 5 pijlers: energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. ‘In alle projecten zoeken we vooral naar evenwicht tussen deze pijlers en daarmee naar een hoge GPR-score.’

Brede School Mill

In de praktijk leidt dit tot situaties waarbij het aanvankelijke ambitieniveau zelfs wordt overtroffen. Zoals bij de nieuwe locatie van de Brede School in het Noord-Brabantse Mill. Daar werd een GPR-score behaald van 8.5, liefst twee punter hoger dan het ambitieniveau. ‘Daarnaast hebben we dit project opgeleverd met een geringer budget dan was beoogd,’ vertelt Van Dongen. Niet voor niets werd de Brede School vorig jaar genomineerd voor de Nederland Duurzaam Bouwen Award. ‘De bijdrage van Crone aan dit project is cruciaal. Daarom zijn zij onze vaste adviseur bij projecten waarbij duurzaamheid de insteek is.’

Voor meer voorbeelden van samenwerking tussen GiesbersWijchen en TA Crone:

Wilt u meer weten over de brede school?

Overige projecten waaraan wij meewerkten

  • Renovatie en nieuwbouw woonzorghuis Yggdrasil te Schoorl.
  • Appartementencomplex De Reders met parkeergarage te Oss i.o.v. Bouwbedrijf Van de Ven
  • 77 Energie-zuinige woningen te Nieuwegein i.o.v. Mabon (i.s.m. WNF)
  • 37 Energie-zuinige woningen te Nijkerk i.o.v. Bouwfonds (i.s.m. WNF)
  • 28 Woningen met wandverwarming en centrale warmtepomp te Doetinchem i.o.v. Van Campen Bouw Zelhem
  • 49 Woningen met wandverwarming en centrale warmtepomp te Lochem i.o.v. Van Campen Bouw Zelhem
  • 54 SEV/Novem voorbeeldwoningen met zonne-energie en wandverwarming te Heerlen i.o.v. Corio Vastu Heerlen
  • Transformatie voormalig Nozema-gebouw met warmtepomp en zonne-collectoren te IJsselstein i.o.v. Atrix Mundi Utrecht
  • 32 Woningen met wandverwarming en zonnegascombi’s te Zutphen i.o.v. Van Campen Bouw Zelhem
  • 88 woningen met vloerverwarming en centrale warmtepomp in Visveld-Oost te Lent i.o.v. Nuon
  • Verwarmde galerijen Woonzorgcentrum te Beek i.o.v. De Goede Woning
  • 15 CO2-neutrale woningen te Leeuwarden i.o.v. Frigem, Le Clercq
  • 21 Energie-evenwichtwoningen te Etten-Leur i.o.v. Bouwfonds Woningbouw
  • 280 woningen Palladium te Houten: met warmtepompen en warmte-koude-opslag in de wijk i.o.v. HBG Vastgoed
  • Energie-zuinig sporthallen-complex te Wageningen met natuurlijke ventilatie met zonne-schoorsteen en warmtepomp i.o.v. Gemeente Wageningen
  • 10 ecologische woningen te Deventer; door bewoners zelf ontwikkeld i.o.v. Bewoners vereniging

Energiezuinige transformatie van een bijzonder gebouw

Midden in de nieuwe wijk Zenderpark in IJsselstein staat het voormalige zendergebouw van Nozema-wereldomroep. Dit robuuste en tegelijk sierlijke en heldere gebouw huisvestte vanaf de bouw in 1954 de zenders van de wereldomroep. Na de ingrijpende transformatie in 1998 huisvest het gebouw 12 riante appartementen en ca 1200 m² kantoren. De doelstelling van opdrachtgever Atrix Mundi; duurzaam en energiezuinig bouwen, werd al gedeeltelijk bereikt doordat een bestaand gebouw niet gesloopt, maar hergebruikt werd. De verbouwing werd zodanig uitgevoerd dat ondanks de beperkingen van een bestaande constructie een zeer energiezuinig gebouw kon worden gerealiseerd.

Zo min mogelijk warmteverlies.

Eerste voorwaarde voor een laag energiegebruik voor verwarming is natuurlijk dat het warmteverlies beperkt wordt. Hiertoe werd de gehele buitenschil van het gebouw van isolatie voorzien, en werden de stalen kozijnen vervangen door houten kozijnen met HR+ glas. Deze buitenschil heeft echter ook koudebruggen, die slechts gedeeltelijk kunnen worden geïsoleerd en zeer grote glaspuien die karakteristiek zijn voor de architectuur, waardoor het warmteverlies niet zover kan worden teruggedrongen als bij een nieuw gebouw mogelijk is. Daarom is besloten om extra moeite te doen om de benodigde warmte zo energie-zuinig mogelijk op te wekken én zoveel mogelijk gebruik te maken van duurzame energie. Deze inspanning heeft geresulteerd in een bijzondere installatie.

klik voor een uitvergroting

Warmte-opwekking met warmtepompen, zonnecollectoren en bodemwisselaars

De warmte voor de woningen en kantoren werd voor het gehele gebouw gezamenlijk opgewekt met behulp van zonnecollectoren en warmtepompen. Dit systeem wordt geëxploiteerd door de Remu; zij levert warm cv- en tapwater aan de gebruikers.
Het systeem van warmte-opwekking werkt als volgt: door een aantal verticale bodem-warmtewisselaars wordt water gevoerd, waardoor dit de temperatuur van de grond aanneemt, ca 10°-12°C. Vervolgens wordt dit water door de zonnecollectoren die op het dak van het gebouw staan verwarmd tot een temperatuur die afhankelijk van zon-aanbod en warmtevraag zal variëren van ca 15° tot 80°C.

Vooral in de winter zal de verkregen temperatuur te laag zijn voor verwarming van de woningen en het tapwater; daarom zullen elektrische warmtepompen de in het water aanwezige warmte uit het water halen en overdragen aan het cv-water met een temperatuur van 30°-50°C en tapwater van 60°C. Voor aandrijving van de warmtepomp is slechts een relatief kleine hoeveelheid elektriciteit nodig.

Door de combinatie van bodem en zonne-warmte als warmtebron voor de warmtepompen, kan de zon haar warmte afstaan aan het relatief koude water uit de bodemwarmte-wisselaars, waardoor het rendement van de collectoren wordt verbeterd. Kortom, een groot deel van de energie voor verwarming en warm water is duurzame energie van de zon en uit de bodem. In de zomer zullen de zonne-collectoren dikwijls meer energie leveren dan nodig is; dit overschot wordt weer aan de bodem overgedragen en daarmee (gedeeltelijk) bewaard voor de volgende winter.

Lage temperatuur wandverwarming.

Om in ons klimaat met zonne-energie een gebouw te verwarmen is meer nodig dan een zonneboiler en een grote collector. Het probleem doet zich namelijk voor dat juist in de winter het zon-aanbod gering is en de warmte-vraag groot. Om van de geboden zonne-warmte maximaal te kunnen profiteren worden deze woningen en kantoren verwarmd door wand- en vloerverwarming, welke werken met water met een relatief lage temperatuur. Zelfs onder de extreemste omstandigheden hoeft het cv-water niet warmer te zijn dan 50°C, het grootste deel van het jaar nog aanzienlijk minder warm. Door deze lage watertemperaturen werkt de installatie aanzienlijk efficiënter dan wanneer zij zou zijn aangesloten op een traditionele radiatoren-installatie die meestal water van 60-90°C nodig heeft. Er wordt voor zowel de centrale warmtepompen als de woninginstallaties een zodanige regeling toegepast dat een zo laag mogelijke watertemperatuur gewaarborgd is met een optimaal opwekkingsrendement als resultaat.

Een ander voordeel van wandverwarming is de comfortabele warmte die zij levert. De in alle woonvertrekken aanwezige warmtemuren geven direct voelbare stralingswarmte af, die tot ruim vier meter van de muur voelbaar is en waardoor bij een lagere luchttemperatuur een comfortabel warm binnenklimaat ontstaat. Een voordeel is ook dat er nauwelijks lucht en stof circuleert.


Ontwerp

Dit bijzondere gebouw werd ontworpen door:

  • Projectontwikkelaar: Atrix Mundi Projectontwikkeling BV – Utrecht i.s.m. Nijhuis Utrecht – Houten
  • Architect: Architectenbureau Teun Verstand bna – Utrecht i.s.m. Ir. F. Koopman, architect – Utrecht
  • Aannemer: Nijhuis Utrecht – Houten
  • Warmtelevering: Remu Weidegebied – Woerden
  • Adviseur installaties en EPN: Technisch Adviesbureau Crone – Nijmegen

Duurzaam informatiecentrum Stadspoort te Eindhoven

Naast het Pannenkoekhuis en Landwinkel van de Philips Fruittuinen in Eindhoven is een duurzaam informatiecentrum gebouwd, in opdracht van de Gemeente Eindhoven. Dit vormt onderdeel van ´Landelijk-Strijp´, een meerjaren project waarin een groene verbinding wordt gemaakt vanuit het stadshart van Eindhoven, via de Philips Fruittuinen, tot aan Oirschot.

Impressie: KAW Architecten

Het gebouw omvat een hoge ontmoetings- en expositieruimte, een educatieruimte en enkele kantoor- en vergaderruimten. Al vanaf het begin van het project was duidelijk dat het gebouw zo duurzaam mogelijk moest worden gebouwd binnen een beperkt budget. KAW Architecten ontwierp een volledig houten gebouw met houten spanten in het zicht. Dit stelde voor ons, naast de doelstelling voor een hoge mate van energiezuinigheid, een extra ontwerpopgave, omdat de installaties niet makkelijk uit het zicht kunnen worden weggewerkt.

Voor de warmte- en koudeopwekking is een warmtepomp gekozen, die warmte onttrekt uit 6 verticale bodemwisselaars op het terrein. Deze gesloten bodemwisselaars zijn gevuld met water in plaats van water-glycol (antivries), als extra bescherming van de bodem in geval van eventuele lekkage. Het informatiecentrum is namelijk gebouwd op het terrein van de Philips Fruittuinen in landelijk Strijp, waar zich boomgaarden, een landwinkel en pannenkoekenhuis bevinden. De ruimten in het gebouw worden verwarmd of gekoeld met behulp van vloerverwarming en –koeling, aangevuld met convectoren.

De ventilatie is zo eenvoudig en natuurlijk mogelijk gehouden, wat heeft geresulteerd in een natuurlijke luchttoevoer rechtstreeks van buiten en lokale mechanische afzuiging. De luchthoeveelheden worden daarbij geregeld op basis van het CO2-percentage. Het rechtstreeks binnenbrengen van koude buitenlucht geeft een groot risico op tochtklachten, waardoor lang is gezocht naar een oplossing die dit zoveel mogelijk weet te voorkomen. Uiteindelijk is voor de ontmoetingsruimte, die plaats biedt aan circa 60 personen, gekozen voor luchttoevoer hoog in het dak, met direct daaronder een nivolair die de lucht mengt met de warme ruimtelucht. De nivolair is een plafond-ventilator met daaronder een verwarmingsspiraal, die veel in industriële omgevingen wordt toegepast.

Onze werkzaamheden

In de ontwerpfase hebben we met opdrachtgever en architect gewerkt aan oplossingen voor een eenvoudige maar duurzame installatie. Dit heeft geresulteerd in een STABU-bestek.

Tijdens de uitvoering hebben we tevens de opdrachtgever geassisteerd door tussentijdse controles op belangrijke momenten in de bouw en een opname met controlemetingen t.b.v. de oplevering.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Gemeente Eindhoven
  • Architect: KAW Architecten Eindhoven
  • Aannemer: Bouwbedrijf Van Gerven
  • Oplevering: september 2013

Vrije School te Zoetermeer

Onmogelijk en energieverspilling. Dat is wat de meeste bouwers en adviseurs denken bij natuurlijke ventilatietoevoer in een schoolgebouw. Wie daar over doordenkt, komt tot de conclusie dat het helemaal niet zo energieverspillend is, en al helemaal niet onmogelijk.

Een klaslokaal kent immers een hoge interne warmteproductie doordat er veel leerlingen op een klein oppervlak aanwezig zijn. Samen met een zeer goed geïsoleerde gebouwschil leidt dit al snel tot stijgende binnentemperaturen. Door gebruik te maken van natuurlijke ventilatietoevoer van buiten, kan deze geproduceerde warmte worden weggevoerd. In de Vrije School wordt 1,5x de bouwbesluit-eis geventileerd, dus écht een frisse school en geen bedompte binnenlucht.

Voorkomen van tocht…

Een aspect wat hierbij bijzondere aandacht vraagt is het voorkomen van tocht onder de ramen. In dit project hebben wij gekozen voor het monteren van radiatoren onder het raam en convectoren hoog voor het raam. De binnenstromende lucht wordt hierdoor enigszins voorverwarmd en daardoor niet meer als tocht ervaren.

De af te voeren lucht wordt in de lokalen afgezogen door ventilatoren op het dak. Wij hebben daar in de keuze voor roosters gelet op een voldoende afmeting, zodat deze zo stil mogelijk zijn.

Energiebesparing

Aula, voorzien van luchttoevoerslangen links en rechts

Er is bij de bouw van de school gekozen voor milieuvriendelijke materialen en installaties. Zo heeft het gebouw een GPR van 8,72 en een EPC = 0,67. Er zijn hoge isolatiewaarden van gevel Rc = 5,0 m2K/W, dak Rc = 7,0 m2K/W en drielaags isolatieglas U < 0,8 W/m2K. Het gebouw heeft een warmtepomp op buitenlucht voor verwarming en koeling van het gebouw. In de gangen en aula is vloerverwarming en –koeling aangebracht. De aula heeft een luchttoe- en afvoersysteem van textiele luchtslangen, die echter alleen in bedrijf komen naar behoefte.

Energieverbruik is verder geminimaliseerd door de keuze voor energiezuinige HF-verlichtingsarmaturen met regeling op basis van aanwezigheid- en daglichtdetectie. De ruimtes hebben een grote daglichttoetreding. Adviesbureau Volantis verzorgde namens ons het gehele ontwerp van de elektra-, verlichting-, data- en communicatie-installaties.

Tijdens de uitvoering hebben we tevens de opdrachtgever geassisteerd door tussentijdse controles op belangrijke momenten in de bouw en een opname met controlemetingen t.b.v. de oplevering.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Gemeente Zoetermeer
  • Architect: 9° Architecture
  • Aannemer: GB van Hoek BV
  • Oplevering: november 2010

OBS Anne Frank te Utrecht

In opdracht van Mecanoo hebben wij voor de Stichting Primair Onderwijs Utrecht de installaties ontworpen voor de Anne Frank school. Het is een 2-laags schoolgebouw met een sporthal en kleedruimten, buitenschoolse opvang en peuterspeelzaal.

Impressie (Mecanoo)

Net zoals in het project Vrije School te Zoetermeer hebben we ook hier gekozen voor een natuurlijke ventilatietoevoer en mechanische afzuiging in de lokalen. Deze afzuiging regelt automatisch op basis van CO2-concentratie (een maat voor de vervuiling) maar kan ook met de hand geschakeld worden. Voor de luchttoevoerroosters is een houten koof getimmerd, waarachter zich een convector bevindt. Deze convector zorgt voor voorverwarming van de koude buitenlucht, om tocht te voorkomen.

De hoge ruimten zijn voorzien van een plafondventilator, die de opstijgende warme lucht weer omlaag brengt.

We maakten ook het gehele verlichtingsontwerp in samenwerking met adviesbureau Volantis. Aan de hand van lichtopbrengstberekeningen en de gewenste sfeer selecteren zij passende armaturen. Sfeerplaatjes hiervan werden tijdens het ontwerp besproken met de architect. De gekozen verlichting is energiezuinig en geschakeld op basis van o.a. daglichtregeling en aanwezigheid. Buitenverlichting een de gevel en grondspots in de patio´s schakelt op basis van schemerschakelaars.

Volantis verzorgde namens ons tevens het gehele ontwerp van de elektra-, data- en communicatieinstallaties. Door deze samenwerking kunnen wij onze opdrachtgever een totaalpakket aanbieden voor het ontwerp van alle gebouwgebonden installaties.

Milieuprijs gemeente Utrecht

Het gebouw is in 2012 onderscheiden met de Milieuprijs van de Gemeente Utrecht, die werd uitgereikt tijdens de officiële opening op 22 april 2013. Deze gemeentelijke Milieuprijs is een prijs voor initiatieven uit stad en regio die gericht zijn op het oplossen van milieuvraagstukken. Doorslaggevend voor het toekennen van de Milieuprijs is het materiaalgebruik en het zuinige energieverbruik. De massief houten wanden zijn van gecertificeerd kruislagenhout, dat afkomstig is uit duurzaam beheerde bossen in Oostenrijk.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: St.Prim.Onderwijs Utrecht
  • Architect: Mecanoo
  • Aannemer: Giesbers Wijchen
  • Oplevering: april 2013

Hermeshuis te Bosch en Duin

Het Hermeshuis, opgeleverd in 2011, is in opdracht van Stichting de Goede Zaak ontworpen voor 12 bewoners met een intensieve zorgvraag. Naast het woonzorghuis is op het terrein een atelier gerealiseerd waar dagbesteding wordt aangeboden.Het gebouw is voorzien van duurzame installaties en hoogwaardige isolatie.

Bij de bouw van het Hermeshuis is gekozen voor milieuvriendelijke materialen en installaties. De ventilatielucht wordt natuurlijk toegevoerd via roosters boven de kozijnen en in de meeste ruimtes wordt de lucht natuurlijk afgevoerd. Hierdoor is er nauwelijks energieverbruik door ventilatoren en is er in de woon- en slaapkamers van de prikkelgevoelige bewoners geen ventilatorgeluid.

Warmteopwekking met warmtepomp en bodemwisselaars

In de bodem zijn 12 gesloten verticale bodemwarmtewisselaars (VBWW) gerealiseerd voor verwarming en koeling, die binnen zijn aangesloten op een warmtepomp. De VBWW´s zijn niet gevuld met water-glycol (antivries) maar gewoon met water ter bescherming van de bodem bij eventuele lekkage. Dit vergt wel specifieke aandacht in het ontwerp. De warmtepomp is wel voorzien van antivries, en moet daardoor via een warmtewisselaar gescheiden zijn van het bronsysteem.

Het gebouw heeft een Lage Temperatuur Verwarmingssysteem (LTV) door middel van vloerverwarming, wat tevens voor koeling wordt gebruikt. Het Hermeshuis heeft een groendak met sedum-vegetatie. Het watergebruik wordt geminimaliseerd door waterbesparende kranen, douches en toiletten.

Het gebouw is voorzien van hoge isolatiewaarden: vloer Rc = 4,4 m2K/W, gevel Rc = 6,2 m2K/W, dak Rc = 7,8 m2K/W en drielaags isolatieglas U < 0,8 W/m2K.

Onze werkzaamheden

Voor dit gebouw ontwierpen wij de gehele installaties voor klimatisering (verwarming, koeling en ventilatie), de elektra-, communicatie- en verlichtingsinstallaties.

Adviesbureau Volantis verzorgde het traject van de E-installaties namens ons, omdat wij gespecialiseerd zijn als werktuigkundig bureau. Door goede samenwerking met Volantis kunnen we onze opdrachtgever daarmee toch een totaalpakket aanbieden.

Tijdens de uitvoering hebben we tevens de opdrachtgever geassisteerd door tussentijdse controles op belangrijke momenten in de bouw en een opname met controlemetingen t.b.v. de oplevering.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Stichting De Goede Zaak
  • Architect: Yaike Dunselman – 9° Architecture
  • Oplevering: September 2011

Foto´s op deze pagina van 9°Architecture

Kinderdagcentrum Rozemarijn te Haarlem

In Haarlem is in 2012/2013 een bestaand uitvaartcentrum omgebouwd tot kinderdagcentrum van de Raphaëlstichting. In dit kinderdagcentrum worden dagelijks kinderen met een geestelijke en/of lichamelijke beperking opgevangen. De installaties in het gebouw hebben wij daarom specifiek afgestemd op deze doelgroep.

Behaaglijke wandverwarming

Centrale hal (bron: www.9graden.net)

Zo is er bijvoorbeeld in de groepsruimten niet gekozen voor radiatoren, omdat deze harde randen hebben en heet kunnen worden. Er is gekozen voor wandverwarming, waarbij een gedeelte van de wandoppervlakken is voorzien van watervoerende buizen. Door warmtestraling van de wand wordt dichtbij de wand een voelbare warmte ervaren. Kinderen die dat te warm vinden, kunnen wat verder van de wand vandaan blijven.

 

 

Wandverwarming in aanbouw

De ventilatie wordt in de verblijfsruimten geheel natuurlijk voorzien. Zowel de toevoer via de kozijnroosters als afvoer via het dak zijn zonder ventilator uitgevoerd. De natuurlijke winddrukverschillen zorgen voor voldoende ventilatie, waarbij de capaciteit van deze voorzieningen nauwkeurig berekend is om aan de ventilatie-eisen te kunnen voldoen.

In sanitaire ruimten en verschoonruimten is wel mechanische afzuiging toegepast.

Tijdens de uitvoering hebben we tevens de opdrachtgever geassisteerd door tussentijdse controles op belangrijke momenten in de bouw en een opname met controlemetingen t.b.v. de oplevering.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Raphaëlstichting
  • Architect: 9° Architecture
  • Aannemer: Bouwbedrijf Tuin Zijpe
  • Oplevering: maart 2013

Woonzorghuis Parsifal te Schoorl

In juli van dit jaar is huis Parsifal in Schoorl opgeleverd. Het woonzorg-gebouw voor 12 jongvolwassenen vormt een uitbreiding op de bestaande woonzorghuizen van de Raphaëlstichting, locatie Scorlewald. Technisch Adviesbureau Crone verzorgde het ontwerp, de contractstukken en de uitvoeringsbegeleiding van de W- en E-installaties.

Het gebouw omvat twee woongroepen met elk 6 bewoners, waarbij elke bewoner over een eigen slaapkamer beschikt met sanitaire ruimte. Op het platte dak bevinden zich 10 m2 zonnecollectoren, waarbij het verwarmde water wordt opgeslagen in een energiezuinig buffervat. Aangezien dit buffervat cv-water bevat, wordt dit door een cv-ketel eenvoudig bijverwarmd. Het gebouw wordt verwarmd met radiatoren op lage temperaturen en een weersafhankelijke regeling.

Tapwater en Legionellapreventie

Het tapwater wordt verwarmd door een spiraal die van onder naar boven door het 500-liter buffervat loopt. Een belangrijk voordeel van deze constructie, is dat er relatief weinig tapwater opgeslagen is in het vat, namelijk alleen de inhoud van de spiraal. Dit draagt bij aan een Legionellaveilige situatie. Als aanvulling vindt thermische desinfectie plaats, waarbij de regelaar echter zo is ingesteld, dat dit alléén plaatsvindt wanneer het vat langer dan een week niet voldoende warm (>60°C) is geweest. Dit bespaart – zeker in de zomermaanden – veel energie ten opzichte van een regeling die iedere week automatisch desinfecteert.

Niet over 1 nacht ijs

De ventilatie is bewust eenvoudig en natuurlijk gehouden. Dit resulteert in een luchttoevoer, die rechtstreeks van buiten komt, via kozijnroosters in de zit-slaapkamers. Vanuit de slaapkamers stroomt de lucht dan over naar de badkamer en vanaf daar vindt natuurlijke luchtafvoer plaats via pijpen door het dak. Deze ventilatievorm wordt in Nederland ten onrechte weinig toegepast. TA Crone is waarschijnlijk het enige adviesbureau die deze oplossing aandurft.
Daarbij gaan we vanzelfsprekend niet over één nacht ijs. Wij houden rekening met de eisen die de NPR1088 stelt aan natuurlijke luchtafvoer. Kanalen mogen niet te lang zijn en niet te veel bochten bevatten. Daarnaast speelt het weer een rol: bij warm, windstil weer is er nauwelijks sprake van afvoer. Een te openen raam is dan voor de bewoner prettig. Dit zijn aspecten waar de opdrachtgever zich bewust van dient te zijn. In dit project sluit deze “ventilatorloze-ventilatie” echter geheel aan bij de antroposofische overtuiging van de Raphaëlstichting.

Woonzorgcentrum Boskapel te Nijmegen

Direct naast onze kantoorlokatie realiseert woningcorporatie Standvast Wonen een nieuw woonzorggebouw dat plaats biedt aan 24 bewoners. Het gebouw is verdeeld in 4 ´vleugels´, met in iedere vleugel plaats voor 8 bewoners en een groepswoonkamer. Zorgverlener de Driestroom uit Elst neemt het gebouw begin 2014 in gebruik.

Impressie: Arch ID

Eenvoudige installaties passend binnen het budget

De installaties zijn eenvoudig van opzet: natuurlijke luchttoevoer via de kozijnroosters, mechanische luchtafzuiging in de sanitaire ruimten en verwarming door radiatoren aan de gevel. Hiermee kan een comfortabel klimaat worden gerealiseerd binnen het gestelde budget.

De afzuigventilatoren zijn niet per appartement te bedienen, maar centraal gekoppeld op een schakeling in het kantoor van de medewerkers.

Warmtapwater wordt voorzien door centraal opgestelde hoogrendements-gasboilers, met een circulerend leidingnet dat rondloopt via de centrale gang om de binnentuin.

Dakvlakken worden voorzien van sedum-begroeiing.

Energieprestatie

In de ontwerpfase maakten wij ook de EPC-berekening voor de aanvraag van de bouwvergunning. Het gebouw heeft door de vorm met binnentuin en verspringende gevels veel buitenoppervlak in verhouding tot het gebruiksoppervlak. Dit maakt het zeer moeilijk aan de EPC eisen te voldoen zonder aanvullende energiebesparende maatregelen zoals PV-panelen of warmtepompen. Door een nauwkeurige berekening, waarbij we details doorrekenen en niet uitgaan van forfaitaire waarden, is het toch gelukt aan de EPC-eis te voldoen. Daarmee sparen we investeringskosten voor onze opdrachtgever uit.


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: StandvastWonen
  • Architect: Arch ID Nijmegen
  • Aannemer: Kaal te Groesbeek
  • Oplevering: november 2013

Zorgboerderij Noorderhoeve – Grote Heklaantje

Aan het Grote Heklaantje, in een prachtig landelijk gebied te Schoorl, is de tweede lokatie van zorgboerderij Noorderhoeve gerealiseerd. Dit woonzorghuis zal plaats bieden aan 8 bewoners met een zorgvraag en een medewerkergezin.

In een stalgebouw bevindt zich een potstal voor jongvee en een educatieve ruimte waarin belangstellenden geïnformeerd kunnen worden over de bijzondere kwaliteiten van dit project en het omliggende gebied.

Het woonzorghuis is voorzien van 10 m2 zonnecollectoren en een 500 liter gelaagd buffervat. Dit slim ontworpen vat van TiSun zorgt voor een goede gelaagdheid van het water, waardoor de zonne-energie optimaal gebruikt kan worden. Onderin het vat wordt de zonne-energie opgeslagen en bovenin het vat bevindt zich een aansluiting op de cv-ketel die naar behoefte het water in het vat bijverwarmt. Het buffervat voorziet niet alleen in het warme water voor de douches, maar ook voor de radiatoren. Zo leveren de cv-ketel en zonnecollectoren samen dus warmte aan één vat, dat weer voorziet in de ruimteverwarming en warmtapwater.

Op het vat is een Legionella-desinfectieregeling voorzien, om de veiligheid van het water voor de bewoners te kunnen waarborgen.

Er is bewust gekozen om geen circulatienet voor warmtapwater aan te leggen, omdat dit veel energiegebruikt doordat het 24 uur per dag op temperatuur moet worden gehouden. Ter vergelijking: 4 meter leiding heeft een warmteverlies van 1 gloeilamp van 40W, die het hele jaar continu brandt. Daarom maken we hier gebruik van ´uittapleidingen´, dat zijn leidingen vanaf de boiler naar 1 tappunt. De wachttijd is hierdoor wel wat langer (± 30 seconden).

Voor ventilatie hebben we in overleg met de opdrachtgever gekozen voor natuurlijke luchttoevoer via de kozijnen en natuurlijke luchtafvoer bovendaks. Op enkele plaatsen zoals sanitaire ruimten wordt de lucht mechanisch afgevoerd.

 

 

 


Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Stichting De Brink (Noorderhoeve)
  • Architect: 9° Architecture
  • Aannemer: Bouwbedrijf Tuin Zijpe
  • Oplevering: januari 2014

Zonne woningen in Nijkerk

In Nijkerk zijn in 1998 door Bouwfonds Woningbouw in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds 37 zeer energiezuinige woningen gerealiseerd die de naam zonne-woning zeker waard zijn. Door oriëntatie op het zuiden, een uitgekiende zonnewarmte-installatie en bouwkundige maatregelen speelt de zon een belangrijke rol bij de verwarming van deze woningen.

Opvallend en ook gewoon.

Vanuit het zuiden komend zullen de grote zonne-collectoren op de schuine daken zeker opvallen. De woningen zijn noord-zuid gelegen, waardoor zowel de zonne-collector als de ramen op het zuiden maximaal van de zonne-warmte kunnen profiteren. Verder zijn deze woningen, gebouwd in de nieuwe wijk Groot Corlaer in Nijkerk, ook ‘gewone’ woningen zoals we ze in Nederland gewend zijn. De uitdaging voor de ontwerpers was dan ook om een woning te ontwerpen die zeer energie-zuinig is, zonder gebruik te maken van extreme architectuur of ingewikkelde installaties.

De koude buiten houden…..

Veel warmte gaat in conventioneel gebouwde woningen verloren door de omhulling: muren, vensters en deuren, vloeren en daken. Daarom zijn in deze woningen in Nijkerk al deze onderdelen extra goed geïsoleerd met een dikkere laag steenwol dan gebruikelijk in de muren, onder de vloer en op het dak. In de vensters zit super HR-glas; dubbelglas met een warmte-reflecterende laag én met een isolerend gas in de spouw.
Behalve door de dichte delen verdwijnt normaal een aanzienlijk deel van de warmte juist door kieren en openingen. In deze woningen wordt er veel aan gedaan om dit warmteverlies te minimaliseren door toepassing van uitstekende tochtwering bij ramen en deuren en extra aandacht voor goede aansluiting van verschillende onderdelen op elkaar. Zo zullen deze woningen aan de hoogste norm voor kierdichting voldoen.
Maar een woning mag natuurlijk niet potdicht zijn. Om een gezond binnenklimaat te waarborgen moet er voldoende verse lucht binnenkomen, terwijl de “afgewerkte” lucht moet worden afgevoerd. Om aan deze eis te voldoen is gekozen voor mechanische afzuiging van de lucht uit de keuken, toilet en badkamer door een ventilator met zuinige gelijkstroom-motor. De benodigde verse lucht stroomt naar binnen door roosters in de woonkamer en de slaapkamers. Deze toevoerroosters zijn zelfregelend: zonder hulp van een motor of elektronica wordt de regelklep slechts zó ver opengezet dat precies de benodigde hoeveelheid verse lucht binnenkomt. Bij harde wind gaat het rooster automatisch verder dicht, bij windstil weer maximaal open. Door toepassing van deze eenvoudige techniek worden zowel hinderlijke tocht als een tekort aan verse lucht voorkomen.

…..en de zon naar binnen halen.

De warmte voor het huis en het warme water worden opgewekt in een ‘Zonnegascombi’ van het fabrikaat Luigjes. Dit apparaat is een bijzonder efficiënte combinatie van een zonneboiler, een gasboiler en een cv-ketel. Het toestel heeft een voorraadvat met een inhoud van 235 liter tapwater. De onderste ca 175 liter worden door de 5,6 m² zonne-collectoren verwarmd. Als de zon warm genoeg is kan de temperatuur oplopen tot ruim boven de 60EC; dan trekt de zonne-warmte ook door tot in het bovenste deel van de boiler en hoeft de gasbrander helemaal niet in werking te komen. Wanneer de zon niet warm genoeg is, zal de ingebouwde gasbrander met Hoog Rendement de bovenste 60 liter bij-verwarmen tot 60EC. In dit voorraadvat is een spiraal gemonteerd waardoor cv-water stroomt, dat op deze manier verwarmd wordt: door zonnewarmte, aangevuld met warmte van de gasbrander. De zonnegascombi is voorzien van een weersafhankelijke watertemperatuurregeling, waardoor de gasbrander alleen brandt als het echt nodig is.

Ruimteverwarming.

In het Nederlandse klimaat geeft de zon een groot deel van het jaar wel warmte, maar vaak met een lage temperatuur. Om maximaal van deze zonnewarmte te kunnen profiteren, worden de woningen verwarmd door grotere radiatoren, die bij de strengste koude voldoende hebben aan een cv-watertemperatuur van maximaal 70°C; het grootste deel van het stookseizoen is een cv-watertemperatuur van 40°- 50° zelfs al voldoende! Hierdoor profiteert deze installatie meer van de zonne-warmte dan met een watertemperatuur van 90°C mogelijk zou zijn. Daarboven geven radiatoren bij deze watertemperatuur een aangenamer warmte af.

Warm water.

Ook het tapwater wordt voor een belangrijk deel verwarmd door de zon. Door de constructie van de zonnegascombi wordt altijd minstens 60 liter water op een temperatuur van 60°C gehouden; de overige 175 liter water in de boiler heeft een temperatuur die afhankelijk is van het zon-aanbod, maar bijna altijd hoger dan de koudwatertemperatuur. Al met al hebben de bewoners met dit toestel een ruime voorraad warm water tot hun beschikking; terwijl de gasbrander ervoor zorgt dat na gebruik de voorraad weer snel wordt aangevuld.

Hoeveel energie wordt er bespaard?

Een voor de hand liggende vraag bij een project waarbij energiebesparing uitgangspunt is. Ten tijde van de bouw gold voor deze woningen een maximum-EP van 1,4. Voor dit project is door het WNF met het Bouwfonds afgesproken dat de EP niet hoger mocht zijn dan 0,75. Hiermee ligt het energiegebruik bijna 50% lager dan het verbruik van vergelijkbare nieuwbouwwoningen uit die periode.


Ontwerp.

Deze bijzondere gewone woningen zijn ontworpen door:

  • Bouwfonds Woningbouw BV – Amersfoort
  • Architectenbureau Olthoff en Lerou – Den Bosch
  • Technisch Adviesbureau Crone – Nijmegen

BijZONdere woningen in Heerlen

In de wijk Carisborg te Heerlen realiseerde projectontwikkelaar Corio Vastu 54 woningen die op veel manieren gebruik maken van de zon. Blikvangers zijn de grote serre’s over twee woonlagen. Boven deze serre-pui bevind zich een gevel-element met zowel zonne-collectoren als PV-panelen. Door goede isolatie en de grote serre hebben deze woningen al een relatief bescheiden energie-behoefte; door het grote ‘zonne-energie-gevelpaneel’ wordt een flink deel hiervan gedekt door de zon.

Weinig warmte-verlies.

Eerste voorwaarde voor een laag energie-gebruik is natuurlijk dat weinig warmte verloren gaat. Daarom werden deze woningen in 1998 extra goed geïsoleerd; gevels, daken en vloer met Rc=3,5 en HR+ glas (destijds hoog, tegenwoordig standaard). Naast toepassing van goed isolatie-materiaal draagt de grote serre bij aan de isolatie. Deze zorgt er namelijk voor dat de zuidgevel minder warmte verliest, terwijl de grote ramen voldoende zonne-warmte binnenlaten. De genomen maatregelen resulteerden in een Energieprestatie-coëfficiënt die aanzienlijk lager lag als wettelijk geëist.

Veel zonne-energie winst.

Een van de doelen bij het ontwerpen van deze woningen was dat voor de gehele energievoorziening in ruimte mate van zonne-energie gebruik gemaakt zou worden. Hiertoe zijn in de zuidgevel PV-zonnepanelen opgenomen die elektriciteit leveren aan de woning en aan het openbare net.
De warmte voor het huis en het warme water wordt gedeeltelijk opgewekt in ca 5,5 m² zonnecollctoren die in het gevelpaneel zijn opgenomen. De collectoren zijn aangesloten op een zg. Zonnegascombi. Dit apparaat is een bijzonder efficiënte combinatie van een zonneboiler, een gasboiler en een cv-ketel. Het toestel heeft een voorraadvat met een inhoud van 235 liter tapwater. De onderste ca 175 liter worden door de collectoren verwarmd. Als de zon warm genoeg is kan de temperatuur oplopen tot ruim boven de 80°C; dan trekt de zonne-warmte ook door tot in het bovenste deel van de boiler en hoeft de gasbrander helemaal niet in werking te komen. Wanneer de zon niet warm genoeg is, zal de in het toestel ingebouwde HR-gasbrander de bovenste 60 liter bijverwarmen tot 60°C. In dit voorraadvat is een spiraal gemonteerd waardoor cv-water stroomt, dat op deze manier verwarmd wordt: door zonnewarmte, aangevuld met warmte van de gasbrander. De thermostaat die zowel de wandverwarming als de Zonnegascombi bestuurt, is zo ontworpen dat de zon altijd voorrang krijgt en dat de gasbrander alleen brandt als het echt nodig is.
Ook de serre speelt in dit huis een actieve rol. De helft van alle verse lucht voor ventilatie van de woning wordt via de serre binnengelaten, en wordt zo door de zon voorverwarmd.

Lage temperatuur wandverwarming

Om in ons klimaat met zonne-energie een huis te verwarmen is meer nodig dan een zonneboiler en een grote collector. Het probleem doet zich namelijk voor dat juist in de winter het zon-aanbod gering is en de warmte-vraag groot. Om van de geboden zonnewarmte maximaal te kunnen profiteren worden deze woningen verwarmd door wandverwarming, welke werkt met water met een relatief lage temperatuur. Zelfs onder de extreemste omstandigheden zal het cv-water niet warmer zijn dan 50°C, het grootste deel van het jaar nog aanzienlijk minder warm. Door deze lage water-temperaturen leveren de collectoren aanzienlijk meer warmte dan wanneer zij zouden zijn aangesloten op een traditionele radiatoren-installatie die meestal water van 60-90°C nodig heeft.
Daarenboven levert wandverwarming comfortabele warmte. De in alle woonvertrekken aanwezige warmtemuren geven direct voelbare stralingswarmte af, die tot ruim vier meter van de muur ervaren wordt en waardoor bij een lagere luchttemperatuur een comfortabel warm binnenklimaat ontstaat. Een effect van dit soort verwarming is ook dat er nauwelijks lucht en stof circuleert.


Ontwerp

Deze bijzondere woningen zijn ontworpen door:

  • Projectontwikkelaar: Corio Vastu BV – Heerlen
  • Architect: ARCHI service, Renz Pijnenborgh – Den Bosch
  • Aannemer: Van Campen Bouw Zelhem BV – Zelhem
  • Energiebedrijf: Nutsbedrijf – Heerlen
  • Adviseur installaties en EPN: Technisch Adviesbureau Crone – Nijmegen

Bijzondere woningen te Nieuwegein

In Nieuwegein heeft projectontwikkelaar Mabon in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds 77 bijzondere woningen gerealiseerd. Bijzonder omdat zij zeer energie-zuinig zijn en tegelijkertijd zeer comfortabel. Er werd van vergaande energiebesparende technieken gebruik gemaakt, maar zeker niet geëxperimenteerd. Het ontwerp maakt een besparing van 60% op het energieverbruik mogelijk. De woningen werden gebouwd in 1997.

Vruchtbare samenwerking.

De woningen zijn ontworpen door een team waarin de architect, de opdrachtgever, de bouwfysisch adviseur, de constructeur en de installatie-adviseur intensief samenwerkten om alle maatregelen en technieken optimaal toe te passen en daarmee het gestelde doel – een zeer energiezuinige, comfortabele en gunstig geprijsde woning – te verwezenlijken.

Opvallende architectuur.

Aan de buitenkant valt het op dat de woning zich opent naar het zuiden en afsluit naar het noorden. Aan de zuidzijde zien we een op de zon gerichte serre en dakramen, op het noorden een gesloten bakstenen gevel met kleine ramen en een dichte voordeur. Zo profiteren deze woningen maximaal van de zon, terwijl door goede isolatie de warmte binnen wordt gehouden. Om de zon nog meer te benutten, zijn op ieder dak 4 PV-zonnepanelen geplaatst die elektriciteit aan de woning leveren. Het dak is zo geconstrueerd, dat de emalite-dakplaten indien gewenst eenvoudig vervangen kunnen worden door in totaal nog 27 PV-panelen van elk 1 m².
In de woning zijn nog meer maatregelen genomen om te komen tot de vereiste besparing van 60% van het energie-gebruik voor verwarming en warm tapwater.
Technisch Adviesbureau Crone heeft bij dit project een belangrijke rol gespeeld als energie-adviseur én als ontwerper van de installaties voor verwarming, ventilatie en sanitair.

Hoeveel energie wordt er bespaard?

Een voor de hand liggende vraag bij een project waarbij energiebesparing uitgangspunt is. Bij dit project is door het WNF met de betrokken projectontwikkelaars afgesproken dat de EP niet hoger mocht zijn dan 0,75, terwijl de wettelijke eis op 1,4 lag. De door Mabon voor Nieuwegein ontwikkelde woningen blijven zelfs nog onder deze grens.

 

Een nog lager energieverbruik voor verwarming en warm water.

Met een EP van 0,70 i.p.v. 1,4 is het totale energieverbruik dus de helft van een standaard-verbruik. De besparing op verwarming en warm tapwater is zelfs nog hoger, nl. ca 60%! Dit laatste getal komt niet in de EP tot uitdrukking omdat voor het energie-gebruik voor verlichting en huishoudelijke apparatuur een vaste waarde wordt aangehouden.
Deze getallen zijn allemaal gebaseerd op het niet bestaande “standaard-gebruik”; zij zeggen iets over het ontwerp van het huis. Hoe hoog het energieverbruik feitelijk zal zijn hangt natuurlijk sterk af van de manier waarop bewoners van de voorzieningen gebruik maken.

Elektriciteitsverbruik.

Overal waar elektrische apparaten nodig zijn in de installaties is gekozen voor de meest zuinige. Zo is het ventilatie-systeem voorzien van een nieuw type ventilatoren met energie-zuinige gelijkstroommotor. De cv-installatie is zo ontworpen dat voor circulatie van het cv-water het kleinste standaard-cv-pompje groot genoeg is, en dan ook nog in z’n laagste stand!

Isolatie.

Veel warmte gaat in conventioneel gebouwde woningen verloren door de omhulling: muren, vensters en deuren, vloeren en daken. Daarom zijn al deze onderdelen extra goed geïsoleerd: een dikkere laag steenwol dan gebruikelijk in de muren, onder de vloer en op het dak. In de vensters zit super-HR-glas: dubbelglas met een warmte-reflecterende laag én met een isolerend gas in de spouw.

Ventilatie.

Behalve door de dichte delen, verdwijnt normaal een aanzienlijk deel van de warmte juist door kieren en ventilatie-openingen. In deze woningen is er veel aan gedaan om dit warmteverlies te minimaliseren.
De woningen voldoen aan de hoogste norm voor kierdichting: dubbele tochtwering bij ramen en deuren, extra aandacht voor goede aansluiting van verschillende onderdelen op elkaar.
Maar een woning mag natuurlijk niet potdicht zijn. Om een gezond binnenklimaat te waarborgen moet er voldoende verse lucht binnenkomen, terwijl de “afgewerkte” lucht moet worden afgevoerd. Om aan deze eis te voldoen is gekozen voor een systeem van gebalanceerde ventilatie met warmte-terugwinning.
Gebalanceerde ventilatie wil zeggen dat met ventilatoren een – regelbare – hoeveelheid ‘afgewerkte’ lucht uit de woning wordt afgezogen en evenveel verse buitenlucht wordt toegevoerd. Hierdoor wordt gewaarborgd, dat onafhankelijk van windsterkte en -richting de gewenste hoeveelheid geventileerd wordt. Warmte-terugwinning betekent dat de afgevoerde lucht door een warmtewisselaar wordt gevoerd waarin de warmte wordt overgedragen aan de naar binnen gezogen koude buitenlucht. Hierdoor gaat maar een zeer klein deel van de warmte verloren, terwijl de ingeblazen verse lucht al zodanig is verwarmd, dat geen hinderlijke tochtverschijnselen optreden. In dit project is gekozen voor een warmte-terugwin-apparaat met het hoge rendement van ca 85%.
Afzuigroosters bevinden zich in de keuken, wc, badkamer en zolderberging, terwijl de verse lucht wordt ingebracht via roosters in de woonkamer en de slaapkamers. In de keuken kan een motorloze wasemkap op dit systeem worden aangesloten, waardoor ook de warmte uit kookdampen d.m.v. de warmtewisselaar grotendeels wordt teruggewonnen.
Door middel van een drie-standenschakelaar kan de ventilatie-hoeveelheid worden gevarieerd. Bij de oplevering wordt aan de bewoners een handleiding van dit ventilatie-systeem verstrekt; om optimaal te ventileren met een minimaal warmteverlies is het belangrijk om verstandig met dit systeem om te gaan.

Verwarming.

De woningen zijn aangesloten op het stadsverwarmings-systeem van de Remu. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de restwarmte van de elektriciteitscentrale.
De cv-installatie in de woningen is zodanig ontworpen dat zo efficiënt én zo comfortabel mogelijk van deze warmte gebruik wordt gemaakt.
Ten eerste is gekozen voor een laag-temperatuur-verwarming (LTV). De radiatoren zijn zodanig gedimensioneerd, dat met een watertemperatuur van maximaal 60E voldoende warmte wordt afgegeven. In ons klimaat zal de watertemperatuur meestal nog aanmerkelijk lager zijn. Hierdoor vindt nooit de hinderlijke en schadelijke stofschroei op. Tevens is gekozen voor radiatoren met een relatief groot oppervlak, waardoor meer voelbare stralingswarmte wordt afgegeven. Met als extra voordeel dat met het dunste type volstaan kan worden. Door radiatoren met een geringe water-inhoud te kiezen, kan de installatie snel reageren op temperatuur-wisselingen die met name aan de zuid-zijde kunnen optreden door binnenkomende zonnewarmte.
Alleen grotere radiatoren is niet voldoende om te waarborgen dat de watertemperatuur ook werkelijk zo laag mogelijk is. Hiervoor is een goede temperatuurregeling nodig.
In deze woningen is gekozen voor een geavanceerde weersafhankelijke voor-regeling met na-regeling per zone én per vertrek.
De weersafhankelijke regeling zorgt er voor dat de cv-watertemperatuur niet hoger is dan bij de heersende buitentemperatuur noodzakelijk is. Dit is in principe een vaker toegepaste regeling, met echter een belangrijk bezwaar: als buitentemperatuur wordt de temperatuur aan de noordzijde genomen en er wordt geen rekening gehouden met andere invloeden op de ruimte-temperatuur. Gevolg is dat de watertemperatuur bijna altijd te hoog is; soms zelfs veel te hoog.
Om dit bezwaar te voorkomen, is de cv-installatie verdeeld in twee zones: de zuid- en de noord-zone. Beide zones hebben in één vertrek (resp. de woonkamer en de keuken) een kamerthermostaat welke verbonden is met de weersafhankelijke regeling. Hierdoor wordt bereikt dat de cv-watertemperatuur niet alleen op basis van de buitentemperatuur, maar ook op basis van de warmtevraag in de woning wordt bepaald. In de praktijk betekent dit bijv. dat als alleen de zuid-zone wordt verwarmd en daar op dat moment de zon schijnt, de watertemperatuur zeer veel lager is dan wanneer puur weersafhankelijk geregeld zou zijn. Het zelfde effect treedt op bij veel ‘interne warmte-productie’ (veel mensen, koken, enz) en bij een geringere warmtebehoefte dan ‘standaard’.
Bijkomend voordeel is dat ook in de temperatuurregeling geprofiteerd kan worden van de ‘zonering’ van de woning; het is eenvoudig om bijv. ’s morgens alleen de noordzijde met keuken, badkamer en hal te verwarmen en ’s avonds juist alleen de woonkamer.

Behalve de comfort-voordelen van LTV in het algemeen en deze regeling in het bijzonder, heeft dit ontwerp veel belang voor de ontwikkeling van verwarmingssystemen op basis van duurzame energie. Veel vormen van duurzame energie (zonne-warmte, warmtepompen, aardwarmte) hebben een bredere toepasbaarheid én een hoger rendement naarmate de gevraagde temperatuur lager is. De hier ontworpen installatie is zonder wijzigingen goed te gebruiken voor koppeling aan bijvoorbeeld een warmtepomp, al dan niet in combinatie met zonnecollectoren, of laag-temperatuur-aardwarmte.

Warm water.

Ook het warme water voor keuken en douche wordt verwarmd door stadsverwarmingswater via een kleine warmtewisselaar in de meterkast. Door de korte afstand naar keuken en badkamer gaat er onderweg in de leidingen weinig warmte verloren.
Bij de aansluitpunten voor was- en vaatwasmachine is ook een aansluiting voor warm water aanwezig. Hierdoor kan gebruik gemaakt worden van zg “hot-fill”-machines. Deze worden direct gevuld met relatief energie-zuinig warm water, zodat aanmerkelijk minder elektriciteit gebruikt wordt.
Een volgende stap in de ontwikkeling is de komst van speciale (vaat)wasmachines waarin cv-water (van de stadsverwarming) door de machine stroomt om het koude water te verwarmen. Hiervoor is helemaal geen elektriciteit meer nodig. Ook voor deze machines is in de woning reeds een speciale aansluiting aanwezig.

Waterbesparing.

Behalve een laag energie-gebruik, werd bij het ontwerp van deze woningen ook gestreefd naar besparing van drinkwater en minimalisering van de hoeveelheid afvalwater.
Om dit doel te verwezenlijken worden waterbesparende kranen toegepast en closet-combinaties voorzien van een reservoir met een inhoud van niet meer dan vier liter!


Projectteam

Deze bijzondere woningen werden ontworpen door:

  • Projectontwikkelaar: Mabon, Ir. Harro van Mil
  • Architect: deJong Hoogveld deKat, Ir. Andrew Dawes
  • Constructeur: Pieters Bouwtechniek, Ing. Evert Jan van Eden
  • Energiebedrijf: Remu, Hans Valentijn
  • Adviseur energie-concept: Ecofys, Drs. Kees Stap, Ir. Jelle Schoonderbeek
  • Adviseur installaties: Technisch Adviesbureau en EPN: Crone, Drs. Hans Crone

Duurzame all-electric appartementen in Kotmanpark te Enschede

In opdracht van woningcorporatie De Woonplaats is in 2011 een van de duurzaamste appartementengebouwen van Nederland opgeleverd: het Kotmanpark. Dit gebouw biedt plaats aan 54 energiezuinige A+ appartementen. Wij zijn als technisch adviesbureau nauw betrokken geweest bij dit project om de energiedoelstellingen te kunnen behalen.

Zo hebben wij al in de ontwerpfase gepleit voor goede bouwkundige “randvoorwaarden”, zoals oriëntatie op het zuiden om maximaal gebruik te kunnen maken van invallende zonnewarmte. De woningen hebben zeer hoge isolatiewaarden en drielaags glas. De koudebruggen zijn tot een minimum gereduceerd, door ook gebruik te maken van bijvoorbeeld geisoleerde kozijnen. In Nederland is dit zeker voor huurappartementen uniek te noemen. De bereikte EPC bedraagt 0,48.

Geen ventilatie met WTW, wel nuttig gebruik afgevoerde warmte

Er is gekozen voor het passiefhuis-principe, echter met het verschil dat wij bewust geen gebruik maken van ventilatie met warmteterugwinning, een van de voorwaarden om passiefhuis te kunnen zijn. De afgezogen warme ventilatielucht gaat echter niet ongebruikt weer naar buiten. De warmte wordt er eerst uitgehaald door een warmtepomp op ventilatielucht. Deze warmte wordt vervolgens in een opslagvat met warm water ´gestopt´, dat wordt gebruikt voor verwarming en warm tapwater. De afgezogen warmte wordt hierdoor niet weggegooid, maar gebruikt op het moment dat de bewoner hier behoefte aan heeft.

Dit in tegenstelling tot ventilatie met WTW, waarbij ook warmte wordt teruggewonnen op het moment dat dit helemaal niet nodig is, als bijvoorbeeld de zon voldoende schijnt.

Geen gas!

Voor een appartement dat zo goed geïsoleerd is, komt het gasverbruik voor verwarming niet boven de 100 m3 per jaar uit. Het is zonde om hiervoor een hele gasinfrastructuur met cv-ketels aan te brengen, waarvoor de bewoner meer betaalt aan vastrecht en onderhoud als aan werkelijk verbruik. De woningen zijn daarom all-electric en beschikken over een warmtepompboiler en 2,5 m2 zonnecollectoren op het dak. De zonnecollectoren zijn individueel per woning aangesloten. Deze leveren beide warmte aan een 300 liter opslagvat voor verwarming en warmtapwater.

Wanneer de warmtepomp en de zonnecollectoren op het dak onvoldoende warmte leveren aan het vat, komt een elektrisch verwarmingselement bij. Elektriciteit heeft echter als nadeel dat het bij veel verbruik wel duur kan worden. Daarom is bijvoorbeeld de douche uitgerust met een doorstroombegrenzer, zodat het elektrisch verwarmingselement niet snel hoeft bij te springen. De bewoners worden tevens door De Woonplaats goed voorgelicht over hoe ze met hun energiezuinige woning om kunnen gaan.

Laag temperatuur verwarming

Voor de warmtepomp is het noodzaak dat verwarming met lage temperaturen plaats vindt. Een voor de hand liggende oplossing is dan vloerverwarming, maar dat reageert te traag wanneer de zon begint te schijnen. Wij adviseerden de opdrachtgever daarom te kiezen voor laag-temperatuur radiatoren, die niet warmer worden dan 55 °C. Deze kunnen door de geringere massa wel snel reageren op temperatuurschommelingen.

In de media

Projectgegevens:

Opdrachtgever: De Woonplaats Enschede
Bouwmanagement en ontwikkeling: AM
Architect: Klunder Architecten
Aannemer: BAM Woningbouw
Opgeleverd: 2011

Energiezuinige Brabant Woningen in Sint Oedenrode

De Brabant Woningen in het dorp Boskant zijn anders dan ‘normale’ huurwoningen. Een dikke schil om de woning zorgt voor een goede isolatie, waardoor de warmtevraag voor verwarming geminimaliseerd wordt.

Zonnecollectoren zorgen daarnaast voor de opwekking van warmwater en zonnepanelen (PV) voor de opwekking van elektriciteit, zodat ook de energierekening van de huurders zeer laag is.

In de woningen is wandverwarming aangebracht, waarmee een aangenaam comfort wordt gerealiseerd. Ventilatie vindt plaats door natuurlijke toevoer boven de kozijnen en mechanische afzuiging in toilet, badkamer en keuken.

Onze werkzaamheden

Wij hebben de installaties in deze woningen ontworpen en vastgelegd in een STABU-bestek. Daarnaast hebben wij controles uitgevoerd tijdens de bouw en zijn intensief betrokken geweest bij het in bedrijf stellen van de installaties. In deze energiezuinige installatie is het belangrijk dat het precies zo werkt als bedoeld, omdat anders het doel (een lage energierekening) niet wordt bereikt.

Prijs voor meest duurzame project

De duurzame en energiezuinige woningen in het dorp Boskant, ontwikkeld onder de naam Brabantwoning, hebben ´De Groene Bouwsteen’ ontvangen, een prijs van het Regionaal Convenant Duurzaam Bouwen (gemeenten, woningcorporaties, Bouwend Nederland en installatiebedrijven (Uneto VNI) uit de regio Noordoost Brabant). Dit project is beoordeeld als het meest duurzame project uit de afgelopen convenantperiode.

Projectgegevens:

  • Opdrachtgever: Woningstichting Wovesto
  • Architect: Renz Pijnenborgh – Archiservice
  • Aannemer: Nieuwenhuizen Daandels Bouw
  • Oplevering: februari 2013